Wanneer de golven wenken

Gebruikersavatar
Nayalina Nashan
Gouden griffel
Ganzenveer
Beheer:
Berichten: 346
Lid geworden op: wo nov 16, 2016 7:19 pm

Wanneer de golven wenken

do aug 10, 2017 10:25 am

Experimentje. Er zijn inderdaad geen namen, voor diegenen die zich dat op het einde zouden afvragen ;) .

Iemand die graag naar muziek luistert tijdens het lezen?
Pianomuziek: https://www.youtube.com/watch?v=R8MzHqk ... d0FYzeL0pg
Pop: https://www.youtube.com/watch?v=j5bPx6gPogE of voor de nightcore-fans (zoals ik :P ) https://www.youtube.com/watch?v=QZ3G8jh ... d0FYzeL0pg
De muziek past bij de stemming van het verhaal ;) .
A reader lives a thousand lives before he dies.
Gebruikersavatar
Nayalina Nashan
Gouden griffel
Ganzenveer
Beheer:
Berichten: 346
Lid geworden op: wo nov 16, 2016 7:19 pm

Re: Wanneer de golven wenken

do aug 10, 2017 10:26 am

Wanneer de golven wenken,

Het was een prachtige avond. De zon, die al half achter de horizon schuilging, kleurde de lucht donkerrood en de paar wolken werden violet, met een heldere rand. Het zeeoppervlak weerkaatste de laatste stralen en glinsterde met een eindeloos veranderend patroon.
Uren kon ze ernaar kijken. Ze onderdrukte een geeuw, rekte zich uit en wiebelde met haar benen, zodat haar hielen ritmisch tegen de rotswand aantikten. Haar voeten bungelden zeker dertig schreden boven het water. Hier, bovenop de kliffen vlakbij haar dorp, had ze het beste uitzicht over de kustlijn en die gigantische, intrigerende waterplas.
Een golf beukte tegen de rotsen aan en liet de grond daveren. Het witte schuim en het water dat op de stenen was gegooid, liep via uitgesleten geultjes terug in de zee, maar voor het volledig kon wegstromen, was de volgende golf er al. Het was een zich eeuwig herhalend proces dat de rotsblokken langzaam maar zeker liet afbrokkelen en uiteindelijk helemaal deed verdwijnen.
Door de jaren heen had ze verschillende klippen in zee zien zinken, terwijl er af en toe nieuwe bijkwamen, wanneer grote blokken van de rotswand afbraken en in het water stortten.
Voorzichtig leunde ze voorover en ze tuurde langs de kust. Een kiezelstrandje, half verborgen in een inham, werd door het avondlicht in een rode gloed ondergedompeld. Ze kwam er vaak, vooral overdag, omdat het smalle pad dat langs de klif omlaag leidde in de schemering gevaarlijk werd.
Net vanwege dat pad was het strandje haar veilige haven. Niet veel mensen waagden zich aan de steile afdaling langs de richel.
Voor zover zij wist, was er maar één andere persoon die de kliffen afklauterde en haar op het strandje kwam zoeken. Een man met felblauwe ogen en zilveren haar, die zelden in het dorp kwam. Hij was eerder stevig gebouwd, met een scherpe kaaklijn en een korte baard. Altijd bewoog hij zich op een kalme, haast voorzichtige manier, en als hij sprak, woog hij zijn woorden zorgvuldig af. Een goede verteller was hij ook, de kinderen in de herberg hingen telkens opnieuw aan zijn lippen wanneer hij één van zijn verhalen vertelde. Meestal ging het over de zee, soms over plaatsen waar hij was geweest en zowat altijd had hij strandvondsten mee, die hij dan aan de kinderen liet zien.
En steeds weer kwam hij naar het strand, het kiezelstrand waar zij zo vaak naartoe vluchtte. Als ze er niet was, ging hij op een rots zitten en wachtte hij op haar, soms een uur of langer.
Hij had geen woorden nodig om haar te begrijpen. Soms heel letterlijk, wanneer ze zwijgend naast elkaar zaten en ze na een tijdje het gevoel had dat hij wist wat haar dwarszat. Dikwijls viel ze dan in slaap, om pas veel later wakker te worden, met haar rug tegen hem aan en zijn hand op haar schouder.
Op andere dagen lachten en praatten ze honderduit of gingen ze zwemmen in het ondiepe water voor het strandje. Hij verbaasde haar telkens weer met zijn zwemkunsten.
Ze geeuwde, stond op en rekte zich uit, stijf van het lange stilzitten. De zon was tijdens het dagdromen een heel eind gezakt en stak nu maar met een dunne boord boven de horizon uit. Ze zou snel moeten terugkeren wilde ze niet in het donker de weg afleggen.
Een beetje afwezig draaide ze zich om. Ze moest terug. Haar blik werd helder en ze aarzelde. Moest ze terug?
Heftige rillingen gingen door haar lichaam heen en ze dook helemaal ineen, op haar hurken aan de rand van de afgrond, rug naar de zee toe.
Gefrustreerd slikte ze haar tranen in en ze haalde een paar keer diep adem. Het was idioot, gewoonweg idioot dat ze hiervoor panikeerde. Er zou niets gebeuren en er wás ook niets gebeurd.
Ze moest terug, voordat er iemand ongerust werd.
Op de bal van haar voeten draaide ze zich naar de zee toe en ze staarde in de verte. Ze kon nog wel even hier blijven. Niet te lang, gewoon totdat de zon volledig achter de horizon verdwenen was.
Nog even.
Ze trok haar benen op, sloeg haar armen om zich heen en steunde met haar kin op haar knieën. Voorzichtig streek ze over de schrammen op haar bovenarm, die ze had opgelopen toen ze zich een weg door het struikgewas had gebaand. Ze had ze niet eens opgemerkt, had de pijn niet gevoeld tot ze al op de klif had gezeten. De rode lijnen jeukten en prikten door de zilte zeelucht.
Een bittere, spottende lach gleed over haar gezicht. Was het niet altijd zo? Overdag liep ze talloze wondjes op, maar ze merkte ze pas wanneer het al te laat was. Anders dan de schrammen van de doornstruiken, genazen deze niet.
Oh nee, er gebeurde nooit veel. Er bleven slechts oppervlakkige sneeën en blauwe plekken achter. Toch leek ze niet in staat om te genezen, en de pijn stapelde zich op tot ze het liefst bewegingsloos in een hoekje zou blijven zitten.
Snel schudde ze haar hoofd en ze focuste op de beweging van de golven. Enkele kleine golven sloegen snel na elkaar tegen de rotsen aan, gevolgd door een grotere golf. De grond daverde opnieuw toen de massa water op de wand beukte en even kwam het geluid van beekjes terugstromend water uit boven het klotsen van golven en schuim.
Ze boog zich verder naar voren. Het harde gras dat op de kliffen groeide, kriebelde haar vingers en losse stukjes steen drukten zich in haar handpalm, een warrig reliëf achterlatend.
Op sombere dagen zag de kustlijn er dreigend uit, met donkere rotsen die uit de diepten oprezen en golven die zich in blinde razernij op de wand stortten, het gesteente aanval na aanval wegvretend.
Nu baadden de klippen echter in het warmrode licht van de zonsondergang en leek het geraas van stukslaande golven gedempt.
De laatste rand van de zon was in de zee verdwenen. Ze stond op en wierp nog een blik op de stroming onderaan de kliffen.
Waarom niet? Vrij van angst, vrij van krassen en sneeën die bleven bloeden.
Haar wangen werden nat en afwezig wreef ze ze met haar mouw af.
Een overweldigende frustratie sloeg als een metershoge golf over haar heen. Waarom stond ze hier? Waarvoor huilde ze?
Belachelijk.
Ze had familie. Ze had vrienden, zoals de reiziger met felblauwe ogen.
Gespannen beet ze op haar lip.
Ze had angst. Angst voor elke volgende dag, angst die haar uitputte en haar kwetsbaar maakte.
Bijna gehypnotiseerd door de beweging van de zee schuifelde ze naar voor, tot ze op amper een handbreedte afstand van de afgrond stond.
Eén stap.
Ze wreef de laatste tranen weg en haalde diep adem.
Eén stap.

de zee je thuis wordt

De maan was slechts een smalle sikkel aan de hemel, een bleke glimlach die precies in een gat in het wolkendek paste.
Ze fronste haar wenkbrauwen.
De ondergrond was nat en hard, ze voelde de kou door haar kleren heen zonder er echt last van te hebben. Het klotsen van de golven klonk merkwaardig dichtbij.
‘Ik wist dat je het lastig had, kleintje. Ik wou dat ik eerder had kunnen komen.’
Ze vloog overeind. Het was te donker om iets te kunnen zien, maar die stem herkende ze overal. De man met het zilveren haar en de felblauwe ogen.
Ze hoorde een zucht en een hand streelde over haar haren.
‘Ik was net op tijd om je te genezen, maar ik kon niet voorkomen dat daar een prijs aan vasthing.’ Teder streek hij over haar arm, een onzichtbaar patroon volgend. Meteen begon haar huid zacht te tintelen en een warme gloed verspreidde zich op de plaatsen waar zijn vingers haar aanraakten.
‘Je behoort nu aan het water toe. Terugkeren naar een normaal leven is, vrees ik, onmogelijk.’
Zwijgend keek ze op naar de maan, die ondertussen een groter gat in de wolken had gevonden. Ze voelde zich vreemd, niet helemaal zichzelf, maar het was geen onaangenaam gevoel.
Met gesloten ogen liet ze toe dat de man vlakbij ging zitten en na een korte aarzeling leunde ze tegen hem aan. Ze was doodop en voelde zich veilig in zijn buurt.
‘Mag ik je meenemen?’ vroeg hij zacht.
Ze knikte.

en het Water je verwelkomt.
A reader lives a thousand lives before he dies.
Gebruikersavatar
nurias
Columnist
Beheer:
Berichten: 485
Lid geworden op: do nov 17, 2016 8:16 am

Re: Wanneer de golven wenken

vr aug 11, 2017 6:17 am

Mooi geschreven verhaal en die muziek, ja heb het aangezet de pianomuziek toen ik ging lezen, past er zeker bij.

Had alleen een gevoel dat je te veel, ze, gebruikte in het begin van een zin. Het las voor mij wat moeilijk.

Ze vloog overeind. Het was te donker om iets te kunnen zien, maar die stem herkende ze overal. De man met het zilveren haar en de felblauwe ogen.
Ze hoorde een zucht en een hand streelde over haar haren.

Een zucht klinkt en een hand streelde over haar haren.
Gebruikersavatar
Nayalina Nashan
Gouden griffel
Ganzenveer
Beheer:
Berichten: 346
Lid geworden op: wo nov 16, 2016 7:19 pm

Re: Wanneer de golven wenken

zo aug 27, 2017 8:04 am

Uh ja, dat krijg je als je jezelf verbied namen te gebruiken... Ik dacht dat ik de meeste eh, ophopingen van "ze" er wel had uitgehaald, maar blijkbaar niet :P .
Dankjewel voor de feedback, Nurias!
A reader lives a thousand lives before he dies.
Gebruikersavatar
Maaike
Beheer
Columnist
Contacteer:
Beheer:
Berichten: 716
Lid geworden op: wo nov 02, 2016 6:58 pm

Re: Wanneer de golven wenken

za sep 02, 2017 10:31 am

Mooi geschreven, Nayalina!

Ik vond zelf het 'ge-ze' niet zo heel storend. Wat je eventueel nog kunt doen om het wat te verminderen is om de zinnen die achterelkaar met 'ze' beginnen om te buigen. Zodat het gevoel van 'ze doet dit, ze doet dat, ze voelt zus' wat minder wordt. ;)

Wordt ze mishandeld/gepest waardoor ze zich zo rot voelt en al die blauwe plekken heeft dit niet meer weggaan? Het lijkt me wel, door de hints, maar aan de andere kant lijkt ze zoveel warmte te voelen voor haar thuis? Misschien is dat wel meestal zo, die dubbele gevoelens.

Het einde vond ik erg mooi; vooral omdat je dan de link tussen het uiterlijk van de man en de zee ziet. In elk geval ik denk dat hij de zee is. En zij nu ook, dat ze is opgenomen in de golven of de bodem van de zee. Stiekem denk ik dat ze een zeemeermin is geworden :3
It always seems impossible until it's done. Keep writing!
Gebruikersavatar
Nayalina Nashan
Gouden griffel
Ganzenveer
Beheer:
Berichten: 346
Lid geworden op: wo nov 16, 2016 7:19 pm

Re: Wanneer de golven wenken

za sep 02, 2017 2:05 pm

Dankjewel Maaike!
En de blauwe plekken etc. zijn eigenlijk symbolisch bedoeld, al kun je het ook letterlijk opvatten - dat werkt binnen het verhaal evengoed. Door te zeggen dat ze niet genezen, bedoel ik dat ze alles opkropt en niet kan verwerken, hoe klein het ook is.
En hahahaha, blij dat je de link tussen de man en de zee hebt gezien. Ik heb er inderdaad hints in gestoken, maar was niet zeker of het wel duidelijk zou zijn :P . Er zit eigenlijk nog een hele hoop informatie achter (want ook dat verhaal past in de wereld van Schimmenjager), maar die wou ik er hier niet insteken. dat zou de flow verpest hebben :D .
A reader lives a thousand lives before he dies.

Terug naar “Gesloten: Een nieuw begin”