Het schilderij

MoensKatrien
Balpen
Beheer:
Berichten: 56
Lid geworden op: wo jan 04, 2017 10:49 am

Het schilderij

ma jul 24, 2017 2:03 pm

De butler leidt Justus naar de ontvangstruimte.
“Ik zal mijnheer informeren over uw komst,” zegt de hij formeel. Zijn blik verraadt duidelijk de minachting die hij heeft voor de jonge man tegenover hem. Vervolgens knikt hij gereserveerd, verlaat het vertrek en laat de deur in het slot vallen.

Strepen zonlicht vallen op de planken vloer. De kleine vitro ramen in loodglas verlichten de kamer nauwelijks. Hun donkergroene kleur maakt alles nog somberder.
Justus heeft altijd een hekel gehad aan deze ruimte. Als kind heeft hij hier uren doorgebracht, starend naar zijn schoolboeken. Hij haatte school. Destijds wilde hij altijd van deze plaats wegvluchten, maar hij durfde zijn vader niet te trotseren.
“Mijn vader,” mijmert hij, “is al even grauw, somber en saai als deze studeerkamer”.
Justus steekt zijn pijp op en wandelt zenuwachtig rond. De vloer kraakt onder zijn voeten. Hij loopt tot bij de schoorsteen. De kachel brandt zachtjes en verjaagt de kilte.
Zijn vader was de enige aristocraat in de wijde omgeving die vanuit Duitsland dit verwarmingstoestel geïmporteerd had. Het was lange tijd het onderwerp van gesprek geweest op bijeenkomsten en een bron van jaloezie.
De oude gebloemde fauteuil van oma staat nog precies op zijn plaats. Ondanks het feit dat Justus zijn grootmoeder aanbad, heeft hij een hekel aan haar zetel. Zijn vader bracht er uren lezend door, zodat hij kon controleren of zijn zoon wel studeerde.
Justus houdt halt bij de immense wandkast. Alle planken zijn volgestouwd met leesboeken die allemaal door zijn moeder zijn verzameld. Elk exemplaar heeft ze vastgehouden, elke bladzijde heeft ze omgedraaid, elke letter heeft ze verslonden. Dromend sluit Justus zijn ogen. Hij haalt diep adem. Na zoveel jaren is deze plek nog steeds doordrongen met haar heerlijke parfum.

De deur zwaait open. In de deuropening staat zijn vader. Hij is zoals steeds perfect uitgedost. Zijn vrouw heeft er altijd op toegezien dat hij onberispelijk gekleed is.
“Een man van aanzien moet respect afdwingen,” is haar motto.
Joseph staart zijn zoon onbewogen aan en bestudeert hem van top tot teen.
Justus voelt zijn hart kloppen in zijn keel. Zijn vader boezemt hem na al die jaren nog steeds angst in. Uiteindelijk gromt zijn vader iets onverstaanbaar en stapt de kamer binnen. Behoedzaam sluit hij de deur achter zich, loopt naar zijn bureau en neemt plaats in zijn luxueuze bureaustoel. Een ongemakkelijke stilte valt.
Via het raam dringen straatgeluiden binnen. Het stilzwijgen wordt verstoord door ratelende karren, het hoefgetrappel en gehinnik van paarden, en het geroddel van de wasvrouwen.

Joseph maakt een uitnodigend gebaar en wijst zijn zoon een vrije stoel aan. Zodra hij heeft plaatsgenomen start hij het gesprek.
“Je schitterde door je afwezigheid” zegt hij nors. Hij kijkt zijn zoon verwijtend aan en merkt op dat Justus zijn hoofd laat hangen. Hij durft zijn vader niet aan te kijken.
”Wegblijven op de begrafenis van je moeder,” snauwt Joseph, “dat vergeef ik je nooit. Besef jij hoeveel verdriet je haar hebt aangedaan? Wekenlang was ze aan haar ziekbed gekluisterd en al die tijd bleef ze in je thuiskomst geloven.”
Justus verbijt zijn tranen. Sinds haar dood draagt hij een groot schuldgevoel met zich mee. Als hij die bootreis naar Italië niet had gemaakt, dan had men hem tijdig kunnen bereiken. Hij zou stante pede huiswaarts gekeerd zijn om zijn moeder bij te staan en haar te vertellen hoe graag hij haar zag.
Hij mist zijn moeder. Haar opgewektheid en haar aanstekelijke lach fleurde altijd de omgeving op. Zij was het zonnetje in huis. Zijn vader daarentegen is altijd chagrijnig en breekt voortdurend iedereen af. De grote uitzondering hierop was zijn vrouw. Die droeg hij op handen.
Een lange stilte valt. Wanneer Justus eindelijk zijn vader aankijkt rollen de tranen over zijn gezicht.
“Jij wint. Jouw wil is wet,” snikt Justus terwijl hij zijn tranen met zijn handpalm wegvaagt.
“Het is altijd jouw droom geweest dat ik je zou opvolgen. Welnu, ik kom bij jou op kantoor werken. Ik zal mij verdiepen in de zakenwereld en al mijn aandacht richten op onze handelsvloot”.
“Vanwaar ineens de interesse?” zegt Joseph honend. Het feit dat Justus niets lost over de reden van zijn afwezigheid maakt hem wrevelig.
“Jij weet zeer goed dat ik zonder beurs mijn opleiding niet kan afmaken,” zegt Justus bedroefd.
Aangezien zijn vader nooit akkoord is gegaan met de keuze van Justus, zal hij wellicht de financiering ervan stoppen. Toen zijn moeder nog leefde was alles anders. Moeder en zoon waren twee handen op een buik. Terwijl haar echtgenoot urenlang doorbracht in zijn onderneming, nam zij Justus mee op sleeptouw naar musea waar ze hem de liefde voor kunst bijbracht. Ze moedigde haar zoon aan zijn schilderstalent verder te ontwikkelen. Zij was diegene die zijn werken kritisch beoordeelde en hem steeds dwong om opnieuw te beginnen totdat de schilderijen perfect waren. Haar zoon zou een grote kunstschilder worden, daar was ze rotsvast van overtuigd. Ze slaagde erin haar echtgenoot steeds opnieuw te overtuigen om in de toekomst van hun kind te investeren.

“Ik zal maar niet informeren naar de reden van je afwezigheid,” zegt Joseph spottend.
Deze vraagt knaagt aan hem. Waarom heeft Justus zo lang gewacht om naar huis te komen? Had zijn stugge houding hun zoon weggehouden van zijn echtgenote? Joseph vindt die gedachte zwaar om te dragen.
Halsstarrig blijft zijn zoon hem het antwoord schuldig. Zijn koppigheid en vastberadenheid heeft hij in iedere geval van zijn vader geërfd.
“Terwijl jij hier wachtte is dhr. Malari mij komen condoleren,” deelt Joseph toonloos mee. “Schijnbaar is hij een gekende kunstschilder die goed bevriend was met je moeder. Hij vertelde mij dat hij leerjongens nodig heeft om hem te helpen bij het maken van een schilderijenreeks in opdracht van het Koninklijk Paleis. Het leven van de koningin moet worden uitgebeeld. Je wordt morgenvroeg in zijn atelier verwacht“.
Justus staart zijn vader met open mond aan. Die cultuurbarbaar weet duidelijk niet dat dhr. Malari een wereldberoemde kunstschilder is. Met hem mogen samenwerken is een hele eer.
“Ik heb nooit iets begrepen van de liefde van je moeder voor zijn werken,” zucht Joseph diep.
Zonder nog een woord te zeggen staat Joseph recht. Hij loopt naar de deuropening, stapt rustig de kamer uit en laat de deur in het slot vallen.
Achter zich hoort hij de enorme vreugdekreet van zijn zoon.



Joseph slaat het portier van het rijtuig dicht, wandelt naar de voordeur en klopt aan. Een bijzonder vriendelijke butler laat hem binnen, neemt zijn jas en hoed aan en gaat zijn komst melden aan de heer des huizes.
“Joseph, mijn beste vriend,” grijnst Philip opgewekt, “wat ben ik blij je in mijn huis te mogen verwelkomen.”
De twee heren lopen samen de prachtige tuin in. De gele rozen staan in volle bloei, de buxushagen zijn perfect gesnoeid en de weelderige bloemperken, die via kronkelpaden met elkaar verbonden zijn, zijn een streling voor het oog. Op de patio onder een parasol zit een zwangere vrouw thee te drinken. Zodra ze Joseph opmerkt, wandelt ze de mannen tegemoet.
“Mag ik je voorstellen aan mijn vrouw Ashley,” zegt Philip,” ze keek enorm uit naar je komst.”
Joseph, de beleefdheid in hoogsteigen persoon, maakt een kleine buiging precies zoals een heer van zijn stand betaamd.
“Hartelijk welkom, Mijnheer de Graaf,” zegt de jonge vrouw terwijl ze een reverence maakt.
Vervolgens wandelt het drietal naar de patio en nemen ze plaats in de makkelijke tuinstoelen.
“Bent u een kunstliefhebber?” informeert Ashley voorzichtig. Ze probeert het ijs te breken.
“Ik ben geen echte kunstkenner,” antwoordt Joseph eerlijk, “maar ik weet wat ik mooi vind.”
“Joseph, je bent veel te bescheiden, “merkt Philip op. “Jij hebt mij geadviseerd langs te gaan bij dhr. Malari voor mijn zelfportret. Die leerjongen die jij mij aanraadde, hoe heet hij ook alweer?”
“Bedoel je Justus? ” zegt Ashley enthousiast.
“Ja, die bedoel ik,” bevestigt Philip. “Justus is inderdaad zeer kunstzinnig.”
Joseph tracht zijn gezicht in de plooi te houden. Het is bijna zes maanden geleden dat hij zijn zoon nog gezien of gehoord heeft.
Joseph had ervoor gezorgd dat Justus aan de slag kon bij dhr. Malari. Hij had erop gerekend dat Justus hem hiervoor dankbaar zou zijn en gewenst dat de relatie met zijn kind zich zou herstellen. Hij had gehoopt dat ze een nieuwe start konden nemen.
Dat hij niets meer van zijn zoon heeft vernomen doet hem pijn.
“Ik stel voor dat we nu vertrekken,” zegt Philip. “De tentoonstelling heeft plaats vlak naast het atelier van dhr. Malari. De wandeling er naar toe loopt helemaal door het stadspark en is zeer mooi.”
Het doet Joseph deugd om zijn benen nog eens te strekken. Vooral het aangenaam gesprek met de charmante Ashley zorgt voor de nodige afleiding. Ze doet hem even zijn bezorgdheid vergeten. Hoe moet hij straks reageren als hij en zijn zoon elkaar tegen het lijf lopen.
Hij heeft er alles voor over om de band met zijn zoon te herstellen, maar hij kan Justus uiteraard tot niets dwingen. Ondanks deze vooruitzichten is Joseph toch blij dat hij is ingegaan op de uitnodiging van zijn nieuwe zakenpartner.

In de tentoonstellingsruimte blijken Philip en Ashley grote bewonderaars te zijn.
Joseph heeft geen oog voor de kunstwerken. Hij speurt voortdurend de omgeving af op zoek naar zijn zoon.
“Mijnheer de Graaf, wat een eer u hier te mogen begroeten”.
Een bulderende stem vult de hele ruimte. Bezoekers kijken verrast op. Een kleine gezette man stapt op het drietal af. Alle ogen zijn op hen gericht. Pas als de man zijn breedgerande hoed met pluim naar achteren schuift, herkent Joseph de kunstschilder. Philip en Ashley staan aan de grond genageld.
De kunstenaar vloekt inwendig. Indien hij op voorhand had geweten dat zijn belangrijkste geldschieter langskwam, dan had hij hem vast en zeker met veel vertoon ontvangen.
De aanwezigheid van dhr. de Graaf verbaast hem. Zeker omdat deze zeer bescheiden man in het verleden meermaals zijn uitnodiging heeft afgewezen.
“Mag ik u uitnodigen voor een bezoek aan mijn atelier. Ik zal u persoonlijk rondleiden.”
Juist op het moment dat Joseph op het punt staat zijn invitatie beleefd af te wijzen kruist zijn blik met Ashley. Haar gezicht spreekt boekdelen. Joseph krijgt het niet over zijn hart deze innemende vrouw te ontgoochelen.
“Wij gaan heel graag in op je aanbod,” zegt Joseph zakelijk.
Ashley kan haar vreugdekreet nauwelijks onderdrukken.
“Volgt u mij maar,” zegt de schilder terwijl hij zich omdraait.
Ze volgen de man doorheen een eindeloze gang. Het ruikt er muf en vochtig. Het lijkt erop dat de smalle doorgang doodloopt, maar op het einde opent hij een zware eiken deur en belanden ze in een grote felverlichte ruimte. Het atelier is volgestouwd met doeken, olieverf, kwasten, penselen, verfpaletten, oude lappen en potten om het schildersmateriaal proper te maken.
De leerjongens kijken even op en hervatten onmiddellijk hun werkzaamheden.
Dhr. Malari leidt zijn gasten tot bij een schilderij van drie bij twee meter. Wanneer hij het laken wegtrekt geeft het kunstwerk zijn geheim prijs.
“De Blije Intrede van Koningin Louise,” kondigt de kunstschilder fier aan.
Philip en Ashley staren met open mond naar het tafereel en bestuderen gedetailleerd de afbeeldingen en figuren. Joseph heeft geen oog voor het doek. Hij kijkt schichtig rond.
“O, dit is ongelooflijk,” roept Ashley verbaasd uit, “de hofmaarschalk die knielt voor de koningin lijkt sprekend op dhr. de Graaf.”
Ze draait zich onmiddellijk om en spreekt Joseph aan. “Heb jij model gestaan?”
“Warempel, de vrouw heeft gelijk,” merkt dhr. Malari op, “de gelijkenis is treffend.”
“U gaat mij nu toch niet vertellen dat u zich niet meer herinnert wie je model was,” zegt Philip terwijl hij de schilder verbijsterd aankijkt.
“Hier heeft niemand model voor gestaan,” bekent dhr. Malari. “Het is mijn assistent die de nevenpersonages heeft geschilderd. Zomaar uit de losse pols, zonder ze eerst te schetsen. Ik was er zeer verbaasd over. Het moet gezegd worden, Justus beschikt over een zeer groot talent.”

Joseph zijn plotselinge interesse in het kunstwerk doet de anderen hun wenkbrauwen fronsen.
Uitvoerig bestudeert hij de figuren. De hofdame naast de koningin lijkt sprekend op zijn lieve vrouw Astrid. Een glimlach verschijnt op Joseph zijn gezicht.
Dhr. Malari komt naast Joseph staan en duidt de hofdame en hofmaarschalk aan.
“Mijnheer de Graaf, ik weet niet wat u gedaan heeft voor Justus, maar het moet zeer belangrijk geweest zijn. Hij vertrouwde mij toe dat hij deze twee personen zo dankbaar is, dat hij ze via het schilderij heeft vereeuwigd.”
Verrast kijkt Joseph de kunstenaar aan. Zijn hart vult zich met een warme gloed.
“Waar is Justus nu?” vraagt hij haastig.
“In het atelier hiernaast,” antwoordt dhr. Malari. “Hij werkt momenteel aan een ander project. Wenst u hem te spreken?”
“Langs die deur?” vraagt Joseph. Hij staat te popelen om zijn zoon terug te zien.

De deur zwaait open. In de deuropening staat Justus zijn vader.
Joseph staart zijn zoon aan en bestudeert hem van top tot teen. Hij ziet er netjes uit in zijn donkere broek, witte schildershort en zijn kortgeknipte haren.
Behoedzaam sluit Joseph de deur achter zich.
“Je schilderijen zijn prachtig,” breekt Joseph het ijs. “Ik heb mij jarenlang vergist. Je moeder had gelijk.”
Justus neemt een afwachtende houding aan. De twee mannen kijken elkaar stilzwijgend aan.
“De Blije Intrede van Koningin Louise is werkelijk schitterend,” bekent Joseph. “Je verwerking van die twee bijzondere personages in het tafereel heeft mij diep geraakt.”
De emotionele ondertoon in de stem van zijn vader ontgaat Justus niet.
“Je hebt ze opgemerkt,’ zegt Justus blij. Zijn ogen schitteren opgewonden.
Zonder te aarzelen stapt Joseph naar zijn zoon toe en klopt hem op de schouders.
“Je hebt veel talent zoon,” zegt Joseph fier.
“Tja, de appel valt niet ver van de boom. Ik trek heel hard op mijn vader,” gekscheert Justus.
Gebruikersavatar
Kattenmeisje3045
Ganzenveer
Beheer:
Berichten: 345
Lid geworden op: za nov 19, 2016 11:25 am

Re: Het schilderij

ma jul 24, 2017 2:33 pm

Goed verhaal, goed geschreven en mooie opzet. vooral de vernieuwde relatie tussen vader en zoon was goed opgezet.
Zet je dromen op papier.
Gebruikersavatar
nurias
Columnist
Beheer:
Berichten: 485
Lid geworden op: do nov 17, 2016 8:16 am

Re: Het schilderij

do jul 27, 2017 1:38 pm

Goed geschreven en verhaallijn van het verhaalnaar het einde, het trekt naar een vervolg erop.
Gebruikersavatar
Nayalina Nashan
Gouden griffel
Ganzenveer
Beheer:
Berichten: 346
Lid geworden op: wo nov 16, 2016 7:19 pm

Re: Het schilderij

di aug 29, 2017 1:31 pm

“Ik zal mijnheer informeren over uw komst,” zegt de hij formeel.
"de hij", typo.
Je hebt vaak groepen van heel korte zinnen, waardoor het leestempo een beetje onderbroken werd.
Een aantal leuke details gezien (gelezen ;P ) die leven geven aan de wereld, zoals dat van die roddelende wasvrouwen en het parfum van Justus' moeder.
Zijn blik verraadt duidelijk de minachting die hij heeft voor de jonge man tegenover hem.
Goed begin, ik wou meteen weten vanwaar die minachting dan wel kwam. Inderdaad ook fijn dat het dan goed komt tussen Justus en zijn vader, ook de weg ernaartoe is mooi weergegeven :) .
A reader lives a thousand lives before he dies.
Gebruikersavatar
Maaike
Beheer
Columnist
Contacteer:
Beheer:
Berichten: 716
Lid geworden op: wo nov 02, 2016 6:58 pm

Re: Het schilderij

za sep 02, 2017 12:04 pm

Leuk verhaal, Katrien!

Wat er voor mij vooral uitsprong is dat beide heren zo lijnrecht tegenover elkaar stonden, maar eigenlijk heel erg naar hetzelfde hunkerde. Fijn dat het aan het einde toch nog goed is gekomen. :D

Af en toe vond ik het verhaal wat stug lezen. :oops: :oops: :oops: Ik kan mijn vinger alleen niet helemaal opleggen, waarom dat zo voor mij voelt. Want de verhaallijn zelf zit erg goed in elkaar. Het komt denk ik deels doordat beide personages een beetje afstandelijk doen. Misschien komt het ook door de opsomminkjes waarin je beschrijvingen neerzet/het aantal korte zinnetjes achtereen.

Maar nogmaals, het verhaal en de rode draad vond ik leuk om te lezen!
It always seems impossible until it's done. Keep writing!

Terug naar “Gesloten: Een nieuw begin”