Geheimen van Fenide

Beleef verhalen in een ver verleden!
Gebruikersavatar
Maaike
Beheer
Columnist
Contacteer:
Beheer:
Berichten: 719
Lid geworden op: wo nov 02, 2016 6:58 pm

Re: Geheimen van Fenide

vr jan 26, 2018 9:58 am

Volgens mij gaat Lysen uitgehuwelijkt worden en heeft ze dat in de gaten, terwijl haar broer dat nog niet doorgeeft. Aan haar reactie is die oom niet echt een leuke/goede vent. Of dat andere meisje wordt uitgehuwelijkt en Lysen is jaloers. Dat kan ook, haha. Ben benieuwd wat eruit komt.
maar nu waren haar wenkbrauwen opgetrokken en waren haar lippen alleen nog maar zichtbaar als een smal streepje. Haar schouders waren opgetrokken en ze stond zo stijf als een standbeeld.
Zowel haar wenkbrauwen als schouders zijn opgetrokken. Mooier is om een van de twee uitdrukking anders te beschrijven. Mijn voorkeur gaat daarbij uit naar de wenkbrauwen. Nu lijkt het namelijk net of ze twee gevoelens te gelijk uitbeeld. Verbazing (opgetrokken wenkbrauwen) en afkeer (lippen tot een streep). De schouders versterken het laatste. Maar dat is mijn interpretatie. ;)

Ga zo door en schrijf ze!
It always seems impossible until it's done. Keep writing!
Gebruikersavatar
Nellineke
Vulpen
Beheer:
Berichten: 111
Lid geworden op: do nov 17, 2016 10:15 am

Re: Geheimen van Fenide

di apr 10, 2018 12:30 pm

1.3

Nadat hij zijn positie had ingenomen kwamen een aantal soldaten de binnenplaats opgereden. Zij droegen een donkergele tuniek met een blauwe band, waaraan te zien was dat zij lager geplaatst waren dan de eerste persoon die de binnenplaats had betreden.
Daarna volgde de koets waarin heer Armin en zijn familie zich bevonden. Zodra deze stilstond, stapte heer Armin zonder verdere aankondiging uit de koets om Arthur te begroeten, die op hem stond te wachten. Ook zijn vrouw en kinderen stapten uit de koets, waarna deze werd weggereden en de jongeman ook van zijn paard stapte. Een stalknecht snelde toe om de strijdros over te nemen.
Allan keek nog eens naar zijn zus. Haar wangen waren rood gekleurd en haar ogen waren strak naar beneden gericht. De jongeman maakte een passende buiging voor Arthur, waarna hij vrouwe Ada en Adalys ook groette, door hun rechterhand in de zijne te nemen en er een zachte kus op te drukken. Nadat hij iedereen op de juiste manier had begroet, nam Arthur Ada’s hand in de zijne en haalde diep adem. Daardoor kwam de mantel gevaarlijk op het puntje van zijn schouder te hangen en het model viel nu helemaal weg.
‘Haar Armin! We heten u welkom op kasteel Fenide. Moge uw verblijf hier u vrede en voorspoed brengen.’
De traditionele welkomstwoorden. Nu zou Arthur zich in beweging zetten en zo de gasten het kasteel binnenleiden.
Alsof Arthur de gedachten van Allan kon lezen begon hij precies op dat moment te lopen. Vrouwe Ada liep rechts naast hem, Adalys liep achter hen. Dan volgden heer Armin, zijn gezin en hun gevolg. Lysen en Allan sloten, achter hun ouders, de rij mensen die het kasteel binnenging.
De ontvangsthal was oud, maar nog iedere keer adembenemend om te zien. Het was een hoog vertrek, waarin twee kroonluchters hingen die honderden kaarsen vasthielden. Geen van die kaarsen was nu aangestoken, het was overdag, maar Allan had nog nooit de kaarsen aangestoken gezien, ook niet in de avond. Waarschijnlijk was het veel te veel werk om al die kaarsen aan te steken. In de avonden hingen links en rechts brandende toortsen in metalen houders, die de gang verlichtten.
Het gezelschap werd naar de ontvangstkamer gebracht, die ook diende als eetzaal voor besloten gezelschappen. Aan de andere kant van de gang lag de grote eetzaal, die normaal gesproken gebruikt werd.
In de ontvangstkamer wachtten een aantal jongemannen het gezelschap op. De jongste van hen trad naar voren om heer Armin te begroeten, maar hield even stil toen ook Adolf de ruimte betrad. Hij keek van de ene man naar de andere, onzeker welke van de twee de heer van Astarde zou zijn. Allan grijnsde en zag dat de andere jongens in de kamer met leedvermaak stonden toe te kijken.
Heer Armin loste zelf de situatie op. Hij stapte naar voren en tikte de inmiddels rood aangelopen huisknecht even bemoedigend op de schouder. Het duurde even voor de jongen weer een normale kleur had en toen hij begon te praten, trilde zijn stem een beetje.
‘Laat mij u uw kamers wijzen, heer!’
Armin knikte de jongen nog eens vriendelijk toe en gebaarde hem om voor te gaan naar de kamers. Zijn vrouw en kinderen volgden hem, waardoor de ontvangsthal vreemd leeg leek. Het jongste dochtertje van heer Armin was nogal een drukteschopper en had naar hartenlust door de zaal gerend totdat ze door haar moeder geroepen werd om mee te gaan. Ze trok nog snel een pruillip naar Allan en rende toen achter haar moeder aan, die om de hoek verdween.
‘Adolf, ik verwacht je zo in mijn studeerkamer.’
Heer Arthur had een diepe stem, die door de hele kamer droeg. Allan probeerde zich voor te stellen hoe het zou klinken als Arthur zou zingen, maar kon er zich geen voorstelling bij maken. De kasteelheer was meestal serieus en was niet iemand om zomaar een liedje te gaan zingen. Toch zou hij er een goede stem voor hebben, beter dan die van Allan.
Eigenlijk was het oneerlijk dat iemand met een goede stem nooit zong, terwijl Allan, die heel graag en heel veel zong, eigenlijk helemaal niet zo goed wijs kon houden. Zodra hij zijn mond nog maar opendeed, maakte Lysen altijd dat ze uit zijn buurt kwam en vroeg zijn moeder of vader of hij zijn mond niet wilde houden.
Hij schrok op uit zijn rare gedachtegang toen Lysen hem op zijn schouder tikte.
‘Ga je mee?’
Hij keek haar verbaasd aan.
‘Terug naar het ve-held.’
Het klonk alsof hij het allang had moeten begrijpen.
‘Moet jij niet…’
Gelegenheid om de zin af te maken kreeg hij niet, want achter Lysen dook iemand op. Ze zag dat hij naar iets achter haar keek, waardoor ze zich omdraaide en tot achter haar oren rood kleurde. Nog heel snel wierp ze Allan een boze blik toe, maar die gaf daar helemaal niet om. Lysen was wel vaker boos op hem.
‘Vrouwe Lysen?’
De stem van de jongeman was aangenaam, al was hij wel hoger dan die van de kasteelheer. Allan zag nog net hoe zijn zus knikte, voordat hij door zijn moeder hardhandig de kamer uitgeduwd werd. Verongelijkt keek hij haar aan.
‘Dat zijn jouw zaken niet, jongeman!’
Tijd om antwoord te geven kreeg hij niet, want zijn moeder verdween in de gang, hij hoorde alleen haar rokken nog ruisen toen ze de trap op liep.
Gebruikersavatar
Maaike
Beheer
Columnist
Contacteer:
Beheer:
Berichten: 719
Lid geworden op: wo nov 02, 2016 6:58 pm

Re: Geheimen van Fenide

di apr 10, 2018 6:53 pm

Jaaaa, een nieuw stukje! Ik moest even denken waar we in dit verhaal gebleven waren. máár dit zinnetje liet het juiste boek openvallen "Allan keek nog eens naar zijn zus." Ik zag ze weer in dat veld, voordat ze zich terug naar huis moesten haasten voor het bezoek. ^_^

Leuk vervolg! En het einde zet heel goed de toon waar die jongeman voor komt. :) Goed geschreven.
It always seems impossible until it's done. Keep writing!
Gebruikersavatar
Nellineke
Vulpen
Beheer:
Berichten: 111
Lid geworden op: do nov 17, 2016 10:15 am

Re: Geheimen van Fenide

ma mei 14, 2018 7:46 pm

1.4

Een beetje verloren bleef hij midden in de gang staan. De deur van de ontvangstkamer ging weer open en vrouw Ada en Adalys kwamen naar buiten. Alsof Allan er niet stond, liepen ze gehaast door de gang, om ook om de hoek te verdwijnen.
Heel even dacht Allan erover na om de ontvangstkamer terug in te gaan, maar hij besloot dat dat niet zo verstandig zou zijn. Hij zou zich zo niet alleen de woede van Lysen, maar ook de woede van zijn moeder op zijn hals halen en door de jaren heen had hij geleerd dat de boosheid van een van die twee wel genoeg was.
Hij bleef een tijdje voor de deur heen en weer lopen. Op het moment dat hij de deurklink hoorde, sprong zijn hart in zijn keel en keek hij verwoed rond om een verstopplaats te vinden. Als Lysen hem hier zou zien, zou ze het idee hebben dat hij haar had afgeluisterd.
Een goede verstopplaats was in de hal niet te vinden. Enkel achter het grote, roodgroene banier zou hij kunnen staan, maar dan zouden zijn voeten nog steeds te zien zijn, omdat het banier ongeveer twintig centimeter boven de grond ophield. Bovendien was heer Arthur niet zo blij als iemand aan het banier kwam, het was het wapen van Fenide, waar eigenlijk niemand met zijn handen aan mocht komen.
Verder was de gang nagenoeg leeg, op een kleine tafel met een kandelaar na. De kaarsen verspreiden een zacht licht door de gang, maar het enige wat Allan zag was de deurklink die steeds verder naar beneden ging.
Het duurde nog een paar seconden voordat het tot hem doordrong dat hij ook gewoon naar buiten kon gaan. Hij stond nog geen vijf passen van de deur verwijderd, die wagenwijd open stond. Op een drafje maakte hij dat hij buiten kwam, waarna hij zo snel mogelijk achter een wagen wegdook.
Helaas voor hem reed de wagen weg op het moment dat Lysen en de jongeman naar buiten kwamen. Allan had niet genoeg tijd meer om vanuit zijn gehurkte positie omhoog te komen. Met grote stappen kwam zijn zus op hem af, haar gezicht rood van ergernis.
‘Kun je mij geen vijf minuten alleen laten?’
Afwerend stak hij zijn handen omhoog, waardoor hij zijn evenwicht verloor en op de stenen viel. Niet dat Lysen zich daar iets van aan trok. Ze bleef staan waar ze stond en keek hem hooghartig aan. Zo snel hij kon, krabbelde hij overeind, maar voordat hij stond gaf Lysen hem een flinke duw, zodat hij weer over de binnenplaats rolde. Alle lucht werd uit zijn longen geperst en het enige antwoord dat hij kon geven was: ‘Oef!’
Geërgerd kwam hij weer overeind.
‘Ik deed niks!’
Zijn stem, die toch al niet al te laag was, klonk nog hoger door het gebrek aan adem.
‘Je deed wel wat! Waarom zat je anders gehurkt achter die wagen? Waarom doe je dat nou steeds? Ik heb toch wel een beetje recht op mijn eigen leven?’
Ze praatte nu zo snel, dat Allan geen van de vragen kon verstaan.
‘Eehm’, was het enige dat hij over zijn lippen kreeg. Dat was niet helemaal naar Lysens tevredenheid.
‘Sta daar niet zo dom te kijken! Je doet alsof je nergens vanaf weet, maar intussen sta je mij af te luisteren en… en…’
Haar stem maakte een rare duikeling, alsof hij, net als Allan, over de binnenplaats rolde.
‘Ik deed helemaal niks!’
Hij zette demonstratief zijn handen in zijn zij. Zijn lippen werden samengeknepen tot een smal streepje.
Lysen deed opnieuw haar mond open om wat te zeggen, maar nu kwam de jongeman tussenbeide.
‘Misschien moeten we gewoon verder gaan, vrouwe? U zou me de stallen toch laten zien?’
Uit zijn bruine ogen, dezelfde kleur als zijn halflange haar, sprak oprechte belangstelling. Even keek Lysen vertwijfeld van de een naar de ander en weer terug. Toen draaide ze zich om, na nog een laatste, vernietigende blik op Allan te hebben geworpen.
Gebruikersavatar
nurias
Columnist
Beheer:
Berichten: 487
Lid geworden op: do nov 17, 2016 8:16 am

Re: Geheimen van Fenide

ma mei 14, 2018 8:42 pm

Goed verhaal en geschreven, topje ga zo door
Gebruikersavatar
Maaike
Beheer
Columnist
Contacteer:
Beheer:
Berichten: 719
Lid geworden op: wo nov 02, 2016 6:58 pm

Re: Geheimen van Fenide

vr mei 18, 2018 1:25 pm

‘Misschien moeten we gewoon verder gaan, vrouwe? U zou me de stallen toch laten zien?’
Haha, die realisatie dat er nog een ander was. Dat zal even akward zijn geweest.

Leuk vervolg! :)
It always seems impossible until it's done. Keep writing!
Gebruikersavatar
Nellineke
Vulpen
Beheer:
Berichten: 111
Lid geworden op: do nov 17, 2016 10:15 am

Re: Geheimen van Fenide

do okt 18, 2018 2:35 pm

Hoofdstuk 2.1

Het kamertje was koud en donker. De enige stoel die er stond was doorgezakt. Door het raampje in de deur kwam overdag wel wat licht naar binnen, maar nu, midden in de nacht, was er geen straaltje licht te bekennen. Haar voeten raakten de muur tegenover haar, die ze niet kon zien. Het leek alsof de muur dichterbij kwam, want haar voeten werden naar haar lichaam geduwd. Haar knieën raakten haar kin. Ze zou helemaal plat geduwd worden, dood, vergeten in dit kleine kamertje.

Met een bonzend hart schoot Lysen overeind. Het was donker in haar kamer, alleen door het luik, dat op een kiertje stond, kwam een streepje licht van een fakkel naar binnen.
Wild maaiden haar vingers in het rond. Ze vonden alleen maar de dekens en kussens die op het bed lagen. Een van de kussens viel op de grond, maar dat merkte ze niet. Langzaamaan begon haar gejaagde ademhaling af te nemen en begonnen haar ogen aan het donker te wennen. Ze zag de vertrouwde contouren van haar bed, van de stoelen aan de andere kant van de kamer. Ze zag het licht van buiten weerkaatsen in de kleine spiegel die op haar tafel lag. Ze was niet in dat kleine, donkere kamertje.
‘Ik ben daar niet. Ik ben daar niet. Ik ben daar niet.’
Ze bleef het voor zichzelf herhalen, als een soort toverspreuk die haar terug moest brengen naar het heden. Met haar armen om haar opgetrokken knieën geslagen bleef ze hetzelfde zinnetje herhalen, totdat ze uiteindelijk weer wat rustiger werd en voorzichtig haar krampachtige houding liet varen.
Zou iemand haar gehoord hebben? Zo stil mogelijk liet ze zich tussen de dekens vandaan glijden en liep op blote voeten naar de deur, die de verbinding vormde tussen haar kamer en die van haar ouders. Daar was alles stil, op het luide gesnurk van Adolf na.
Over Allan maakte ze zich geen zorgen. Zijn kamer bevond zich aan de andere kant van de kamer van Adolf en Noraly, dus als zij niets hadden gehoord, was het onmogelijk dat Allan iets had gehoord.
Op haar tenen liep ze terug naar haar bed. Heel even stopte ze bij het raam om naar buiten te kijken. Daar was weinig meer te zien dan een donkere vlek, hier en daar verlicht door een fakkel.
Doordat ze even was gestopt, schatte ze de afstand tot haar bed verkeerd in. Niet bepaald zachtzinnig stootte ze haar kleine teen tegen één van de poten van het bed. Het kostte moeite om geen harde schreeuw te geven, maar ze wist het te beperken tot een zielig gepiep. De tranen stonden in haar ogen, maar ze drukte een hand voor haar mond om het geluid dat ze voortbracht te beperken. Als ze nu maar niemand had wakker gemaakt!
Een tijdje bleef ze als bevroren staan, maar het gesnurk van Adolf aan de andere kant van de deur ging onverstoorbaar door en ook Noraly verscheen niet in de deuropening.
Voorzichtig ging Lysen terug in bed liggen, het kraakte hier en daar een beetje. Ze trok de dekens weer om zich heen en sloot haar ogen. Van slapen kwam echter niets. Steeds weer spookten diezelfde beelden voor haar ogen, de beelden van dat kleine, donkere kamertje.
Waarom had ze nu opeens die droom weer gehad? De laatste keer was al een hele tijd geleden geweest, stiekem had ze gedacht dat ze die droom eindelijk achter zich had gelaten. Blijkbaar toch niet.
Gebruikersavatar
Maaike
Beheer
Columnist
Contacteer:
Beheer:
Berichten: 719
Lid geworden op: wo nov 02, 2016 6:58 pm

Re: Geheimen van Fenide

di okt 30, 2018 8:03 pm

Enge droom zeg! Het deed me - vraag me niet waarom - denken aan dat ze misschien levend begraven is als het er zo donker is en de muren zo dicht om haar heen zijn. Ik vraag me af of het een soort visioen is of een herinnering die ze probeert te verbannen.

Ga zo door! Ben benieuwd naar het vervolg!
It always seems impossible until it's done. Keep writing!
Gebruikersavatar
Nellineke
Vulpen
Beheer:
Berichten: 111
Lid geworden op: do nov 17, 2016 10:15 am

Re: Geheimen van Fenide

di feb 26, 2019 5:53 pm

Het is echt al heel erg lang geleden dat ik voor het laatst iets heb geplaatst, maar hier is eindelijk een vervolg..

Hoofdstuk 2.2

Haar gedachten waren niet meer onder controle te krijgen. Als bliksemschichten kwamen steeds meer nieuwe beelden naar boven. Anna, die geslagen werd door Rudolf, haar zachte huilen in de nacht. De drie mannen in het bos. Weer Anna, nu lijkbleek en onnatuurlijk stil, in een wit gewaad, waarin ze begraven zou worden. Zomaar flarden van de dienst die in de kapel werd gehouden. Rudolf, die voor de gelegenheid zijn zwarte habijt had aangetrokken, zuster Ann, die Lysens hand vasthield, terwijl de tranen over hun wangen liepen.
Steeds weer als Lysen haar ogen sloot, werd ze door de beelden aangevallen. Ze was blij toen ze het beginnende daglicht zag door de kier van het luik. Een zonnestraal dwaalde over de vloer, totdat hij haar bed had bereikt.
Zacht piepend ging de tussendeur van haar kamer open. Noraly kwam naar binnen, nog gekleed in haar nachtkleding.
‘Lysen?’
Als antwoord ging Lysen rechtop zitten, zonder iets te zeggen.
‘Arise komt je zo helpen, zorg je dat je klaar bent?’
Noraly verdween weer, zonder een antwoord af te wachten. Een zachte klop op de deur aan de gangkant kondigde Arise aan.
Bijna zonder geluid te maken kwam het roodharige meisje de kamer binnen. Het viel Lysen opnieuw op hoeveel het meisje op Anna leek. Ze slikte een brok in haar keel weg en probeerde haar tranen tegen te houden. Na al die jaren die Lysen had gehad om dat te oefenen, had ze daar bijna geen moeite meer mee. Alleen als ze moest praten zou het mis gaan, maar Arise zei eigenlijk nooit iets.
Ook nu hielp Arise Lysen in haar kleding, een donkerblauwe jurk, zonder een woord te zeggen. Een ketting, gemaakt van eenvoudige, glimmende steentjes werd om haar nek gelegd. Arise borstelde Lysens lange, blonde vlecht uit, waarna ze de lokken voorzichtig opstak in een losse knot. Daarna verdween ze weer net zo geruisloos als ze gekomen was.
Met een zucht liet Lysen zich terug op haar bed vallen. Haar handen trilden, het was onmogelijk om ze stil te houden. Hard gelach in de gang liet haar schrikken, het moest een man zijn, maar wie? Adolf lachte nooit, of tenminste, niet heel vaak en Allan had niet zo’n hele lage stem. Haar hart begon sneller te kloppen. Zou het Rudolf zijn? Zou hij haar komen halen? Of die andere man, die uit het bos?
Voetstappen kwamen langzaam naar haar kamerdeur. Het gelach was inmiddels opgehouden. Ze probeerde zich op het bed zo klein mogelijk te maken en sloeg haar handen voor haar ogen. De deur ging langzaam open.
‘Nee! Nee! Ik wil het niet! Ga weg!’
Haar stem sloeg over, de woorden kwamen over haar lippen alsof ze ruzie maakten over wie het eerst naar buiten mocht. Maar de voetstappen stopten niet, ze kwamen alleen maar dichterbij.
Nu kwamen de tranen vanzelf naar boven. Hoewel Lysen bleef slikken om ze tegen te houden, bleven ze maar komen. De brok in haar keel was nu zo groot dat ze het gevoel had dat ze geen adem meer kon halen. Een hoestbui kwam als vanzelf naar boven.
Het bed kraakte, iemand kwam naast haar zitten. Heel voorzichtig werd er een arm om haar schouders gelegd. Een andere hand pakte haar hoofd en legde dat voorzichtig op een schouder. Hij streelde haar gezicht, waar ze nog steeds haar handen voor geklemd hield. Alleen Lysens snikken verbrak de stilte.
Gebruikersavatar
Maaike
Beheer
Columnist
Contacteer:
Beheer:
Berichten: 719
Lid geworden op: wo nov 02, 2016 6:58 pm

Re: Geheimen van Fenide

za mar 02, 2019 8:45 am

Leuk en spannend vervolg! Ik vraag me af wie er naast haar is gaan zitten. Of het een bekende is waar ze zich vertrouwd mee voelt of een of andere engerd.

Het is inderdaad een tijdje geleden, maar gelukkig gaat het verder :D Ik haalde het wel even door de war met het andere verhaal dat je hier ook begonnen bent, met dat meisje dat is het bos werd overvallen en die boze meneer waar ze zo bang voor is (dat is niet deze toch, want ik kon het zo gauw niet terugvinden).

Ik ben benieuwd naar het vervolg. Ga zo door!
It always seems impossible until it's done. Keep writing!

Terug naar “Historie”