Het Zuiderkruis; Deel 1A

Bommen en granaten, hier is het oorlog!
Supersonic scorer
Vulpen
Beheer:
Berichten: 68
Lid geworden op: ma apr 02, 2018 10:08 am

Re: Het Zuiderkruis; Deel 1A

ma sep 17, 2018 1:03 pm

Met dit verhaal probeer ik enkele bekende verhalen/films een beetje met elkaar te mixen en tegelijkertijd het verhaal een stukje van mezelf en mijn kijk op de wereld te geven. Zo heb ik de namen van de hoofdpersoon en de goeie vriend van hem (Jack en Will) van Pirates of the Caribbean en heb ik de elementen van de medaillons zelf bedacht. Deze elementen (Vuur, water, ijs, aarde, dood, leven en wederopstanding) zijn eigenlijk de hoofdelementen waaruit de wereld van Jack bestaat. De sleutel die vrede brengt kan vergeleken worden met de Ring uit Lord of the Rings, behalve dat de sleutel (misschien nog) niet vernietigd moet worden. En zo zijn er nog wel meer kleine verwijzingen naar andere verhalen (Bevel 313 (Star Wars; Order 66), het medaillon waardoor Jack's vader communiceert (Star Wars; The Force)). De rest (dus wat Jack en Will en alle andere personages meemaken en doen) heb ik er verder bij bedacht en ik vind het dan ook leuk om te lezen dat je het verhaal boeiend vindt. Dank je voor je interesse en feedback.
Supersonic scorer
Vulpen
Beheer:
Berichten: 68
Lid geworden op: ma apr 02, 2018 10:08 am

Re: Het Zuiderkruis; Deel 2C

ma sep 17, 2018 1:08 pm

Na dit mooie en liefdevolle gesprek kwam een wacht naar ons toe rennen: "Heren, ik zie mannen van de Koningin onze kant opkomen. Koningin Velna kijkt met een moordlustig kwade blik naar haar kasteel. Wat moeten we doen?" "Activeer val 1. Na de eerste val om de vijf seconden de volgende vallen." "Ja, Generaal Vernis." "Generaal Vernis? Dat klinkt niet mis.", zei de graaf. "Dat vind ik ook. Ik vind het ook wel gaaf om een titel te hebben." De graaf lachte en zei dat generaal een mooie titel was die goed bij mij paste: "Je voert hier toch het bevel, dus ja, ik kan het me goed voorstellen."

De vallen activeerden één voor één en algauw was zeker de helft van de soldaten van de Koningin uitgeschakeld. "Stuur uw mannen naar buiten. Laat ze alles en iedereen neerhalen, behalve de Koningin." "Begrepen, Generaal Vernis.", reageerde de graaf met humor. Graaf Drakenvuur stuurde zijn mannen naar buiten en het grote gevecht begon. Maar we waren aan de verliezende hand. De soldaten van Koningin Velna waren beter uitgerust, sterker en ze waren nog altijd met meer dan onze mannen. De graaf bood aan dat wij met z'n drieën, Graaf Drakenvuur, Will en ik, ook maar naar buiten moesten gaan en wat doden moesten gaan maken. "Anders redden ze het niet." "Waar blijft de koning der Mensen?", vroeg ik. "Hij zou inderdaad komen.", zei de graaf, "Ik weet alleen nog niet wanneer hij er zal zijn." "Schiet een sein af voor zijn troepen. Hier moeten ze zijn.", zei ik de meiden. "Ja, Generaal Vernis.", reageerden de meiden in koor en ze gingen opzoek naar een vuurpijl. Ondertussen renden de graaf, Will en ik naar buiten en begonnen wij te vechten.

In dat halfuurtje dat ik buiten was, bedankte ik mijn vader dat ik les had gekregen in zwaard vechten, want dat had ik nu nog meer nodig dan ooit tevoren. Soldaat na soldaat stak ik neer, tot argwaan van de Koningin. Toen, uit het niets, verschenen de troepen van de Koning der Mensen. Het gaf iedereen die tegen de Koningin vocht nieuwe hoop. Alles zou nu goed komen. We zouden gaan winnen. "Net op tijd, graaf.", schreeuwde ik naar Graaf Drakenvuur. "Ja, inderdaad.", riep hij terug terwijl hij er weer een aan zijn zwaard reeg. Het gevecht werd fanatieker, maar nu waren wij aan de winnende hand. Ik rende naar de Koning toe en riep: "Geef mij de Koningin als u haar te pakken krijgt." "Ik zal het doen, Generaal Vernis."

Het eindigde eindelijk toen alle troepen van de Koningin allemaal verslagen waren. Alleen de Koningin bleef over. Ik keek even rond of mijn vrienden het overleefd hadden. Will en Graaf Drakenvuur zwaaiden naar mij, ik glimlachte en riep naar ze: "Goed gedaan, jongens." Op de uitkijktorens stonden Dion en Sanne, ze riepen naar mij: "Leve Generaal Vernis! Jij bent de beste!" "Ik moet nog één ding doen.", zei ik Will, die inmiddels naast mij was komen staan. "Ja, ik snap wat je denkt." Ik keek naar de Koningin, zij keek mij niet aan. "Koningin Velna,", begon ik, "raap dit zwaard op en verdedig uzelf." "Wat ga je doen, Jack?", vroeg Will. "Het zou oneerbiedig zijn om haar gewoon te vermoorden." Koningin Velna viel ondertussen al aan, maar ik pareerde goed, al zeg ik het zelf. Het duel met mijn tante was begonnen. Bovenin, in de uitkijktorens, hoorde ik de meiden mij aanmoedigen. Zelfs de Koning der Mensen keek ik toe hoe mijn tante en ik elkaar bevochten. "Voor een vrouw weet u aardig raad met een zwaard.", zei ik. "Hou je mond! Ik hak je kop eraf en zal heersen over alle rijken! Jij en je vrienden zullen niet meer weten wat het daglicht is." "Dat u mij bedreigt, snap ik. Maar van mijn vrienden en familie moet u afblijven. U heeft mijn leven genoeg geruïneerd en mijn moeder genoeg onrecht aangedaan. Dat komt u duur te staan!", en ik viel weer aan. Weer pareerde ze goed. "Dit kan nog wel even zo doorgaan.", zei de graaf tegen mij. "Dat maakt mij niks uit. Ik hou het nog wel even uit."

Na een halfuur waarin geen van ons ook maar een haarbreed had toegegeven, besloot ik over te gaan tot wat vals spelen. Ik zei: "Zwaard, maak dood wat dood hoort te zijn.", en ik wees naar mijn tante. Een rode lichtstraal schoot uit mijn zwaard en verwondde mijn tante ernstig. "Au! Je speelt vals!" "Dat heb jij ook gedaan toen ik klein was! En daar kijk ik je nu op aan. Wat jij verdient, is een straf tot de dood.", en ik sloeg het zwaard uit haar handen. "Handen op je rug, Velna. Het is voorbij. Morgen is je executie."

Velna werd de volgende dag opgehangen. Bij haar executie waren ik, mijn halfzussen, mijn moeder, Graaf Drakenvuur, Will en Thom aanwezig als belangrijke gasten. De Koning der Mensen kon niet komen, omdat de burgeroorlog verderging waar die gebleven was. En hij zou maar wat graag weer orde willen hebben in zijn rijk, wat we allemaal volledig begrepen. De beul zei: "Heeft u nog wat te zeggen voordat u zult sterven?" "Ja. Stilte!", riep ze ineens. Iedereen was stil, alsof een donderslag bij heldere hemel net had plaatsgevonden. "De laatste woorden van Koningin Velna: Jullie kunnen me doden, maar dan word ik nog veel meer een nachtmerrie dan dat ik al was. Als u mij doodt, zal u de eerste zijn waarop me zal wreken! En ik bluf niet!" "Eindelijk klaar?", vroeg ik. "Nee, verder wil ik u allemaal erop wijzen dat jullie het onder mijn neef niet veel beter zullen hebben. Ook hij heeft een duistere kant en die zal opkomen nadat ik dood ben." "En nou is het genoeg!", riep ik en ik baande me een weg naar het schavot. "Jack, wat ga je doen?", vroeg Will. "Ik ga een belofte die ik aan iedereen gemaakt heb, waarmaken. Haar bloed zal vloeien aan mijn zwaard!" "Toe dan! Je durft niet! Je bluft!" Ik ging voor haar staan en zei: "Denk je nu nog steeds dat ik bluf?" Een burger begon te roepen: "Maak haar af, Generaal Vernis. Word onze koning!" "Ja, dood haar! Ze mag niet meer leven!" Algauw riep het hele publiek dat ik Velna moest afmaken. "En dat zal ik ook doen!", en ik trok mijn zwaard. Voor het eerst in tijden zag ik Velna rillen. "Ja, tante. Ik ga je echt vermoorden.", zei ik op een nogal kinderachtige manier. Daarna stak ik mijn zwaard door haar borst, bloed lekte eruit. "Ik vervloek je, Jack Vernis.", had ze nog als laatste woorden en toen stierf ze. Achter me begon de menigte te juichen en enkelen riepen: "Lang leve onze nieuwe koning!" Ik draaide me om, haalde de hendel over die de beul nog om had moeten halen en zei: "Inwoners van het rijk der Draken, u bent verlost van Koningin Velna! Met jullie goedkeuring volg ik haar graag op als koning der Draken, Jack I!" De menigte juichte, maar de graaf schudde zijn hoofd. Ik begon mij onmiddellijk af te vragen waarom.

"Luister, Jack.", sprak Graaf Drakenvuur, "Ik zou je graag tot koning willen laten kronen, maar ik kan het niet." "Waarom niet, graaf?" "Ik kan mijn eed aan jou als koning niet zweren, omdat ik echt bang ben dat je misbruik van mij en mijn macht zult maken." Ik zuchtte, na alles wat ik voor de graaf had gedaan was dit wel zo'n slap excuus om mij niet koning te laten worden. Ik vond het geen reden, maar ik besloot het onderhandelend aan te pakken: "Graaf Drakenvuur, ik bied je aan om mijn raadsman voor het leven te zijn. Sta mij bij in raad en daad, want ik heb je wijsheid en je leger nodig om het rijk der Draken te kunnen besturen." Ik zag de graaf twijfelen, maar hij ging nog niet akkoord. "Wat wilt u dan dat ik doe?" "Ik wil dat je Sanne uithuwelijkt aan een goede man en dat je met Dion zult trouwen." "Graaf, dat kan ik niet. Er zit 16 jaar tussen haar en mij. Ik kan Sanne uithuwelijken aan een goede man, maar trouwen met Dion, die in wezen nog een kind is, kan ik echt niet doen. Dat gaat tegen mijn normen en waarden in." "Akkoord, maar dan ben je ook geen koning der Draken." "Ik slaap er even een nachtje over. Zo kan ik mijn hoofd ook even leeg maken en mij vol focussen op deze zaak." "Dat is goed, maar er komt geen inauguratie zolang dit niet beslist is." "Begrijp ik, graaf."

Die nacht lag ik in bed, strak van de zenuwen. Wat moest ik nu doen? Na mijn succesvolle opstand tegen Velna, wilde ik wel een beloning opeisen; de nu nog lege troon. Maar dan zou ik met Dion moeten trouwen. Ik zuchtte, dit was één van de moeilijkste besluiten die ik moest nemen. Er werd ineens op mijn deur geklopt. "Wie is daar?", vroeg ik fluisterend. "Dion. Mag ik binnenkomen?" Ik gaf toestemming, Dion ging naast me liggen in bed. "Jack, ik hoorde dat papa en jij afspraken maakten over wat jij zou moeten doen om de troon te krijgen. Ik heb alles gehoord." "Dat is niet erg geruststellend om te horen. Dan weet je dus ook dat jij en ik moeten trouwen als ik de troon wil hebben." Dion knikte, ze wist ervan. "Wat vind je daarvan?" "Papa moet niet zo moeilijk doen. Ik vind dat je het verdiend. Na alle strijd die je geleverd hebt tegen tante Velna." Ik knikte, Dion dacht er dus zo over. "En wat vind jij ervan dat je vader je al op je vijftiende wil weggeven aan mij?" "Ach, wat kan ik erover zeggen? Ik moet me erbij neerleggen." "Maar wat vind je ervan? Dat je op je vijftiende al een groot deel van je vrijheid dreigt kwijt te raken?" "Ik vind het niet leuk. Ik had graag nog even gewacht." Ik knikte, Dion had gelijk. Ze wist zelf ook dat ze nog te jong was. "Als ik nou 20 was geweest..." Ik knikte, dan zou ik er ook nog wel brood in zien. Ik vroeg haar toen of ze, toevallig, al wel iets voor me voelde. "Nou, ik ben wel onder de indruk van je, Jack. Je bent een goede man. Maar ik ben niet verliefd op je." "Nee, dat snap ik. Ik vind jou ook een lieve meid, maar ik zou nu niet met je willen trouwen, mede omdat je pas 15 bent. Laat het nog maar even wachten, zeg ik dan." Dion gaf me gelijk: "Mag ik dit morgen met papa bespreken?" Ik knikte, mijn toestemming had ze.
Supersonic scorer
Vulpen
Beheer:
Berichten: 68
Lid geworden op: ma apr 02, 2018 10:08 am

Re: Het Zuiderkruis; Deel 2D

ma sep 24, 2018 3:30 pm

"Dion, je trouwt wel met Jack. Klaar!" "Maar papa..." "Geen gemaar! Je trouwt met Jack morgen." "Graaf Drakenvuur, je dochter is pas 15. Ze is nooit oud genoeg om een man van 31 te trouwen. Geef het alsjeblieft de tijd." "En jij ondertussen de koning der Draken zijn? Ik dacht het niet." Mijn moeder greep in: "Ronald, word redelijk. Dion is veel te jong en ze wil het bovendien niet." "Nee, anders mag hij de troon niet hebben." "Dan niet! Ik trouw niet met een jongere.", zei ik en ik verliet de troonzaal. "Bedankt, papa.", zei Dion nog vrij ondankbaar en ze rende mij achterna. "Jack! Jack, ben je boos?" "Nee, Dion. Ik ben superblij!", viel ik uit. "Jack, wacht op mij. Ik ga met je mee." "Waarheen?" "Waar jij ook maar heengaat. Ik volg je." "Nee, Dion. Volg me niet. Doe dit jezelf niet aan." Ik liep mijn kamer weer in en pakte mijn spullen bijeen. Dion liep toch mijn kamer in en zei: "Waarom pak je alles in?" "Ik ga. Ik vertrek naar het land der Elfen." "Ik ga met je mee." "Dion, hoe vaak heb ik je al gezegd dat je niet mee moet komen?" "Dertig keer. Weet ik veel. Het maakt mij niets meer uit." Ik besloot dat ik met Dion in gesprek moest gaan: "Waarom maakt het je niet uit?" Dion begon te blozen en zei zachtjes: "Misschien dat ik, vanbinnen, heel misschien toch een beetje verliefd ben op je, Jack." "Wat zei je?", en ik richtte mijn hoofd naar Dion. Zonder waarschuwing begon ze me te zoenen. Ze legde haar armen in mijn nek, hapte gauw naar adem en zoende nog een keer. Ik deed met haar mee en toen ze ophield, zei ze: "Goed dan. Ik ben verliefd op je." Ik knikte en wist even niet wat ik moest zeggen. "En daarom ga ik met je mee. Jij gaat van mij een mooie volwassen vrouw maken." "En je ouders dan?" "Die kunnen me wat. Na wat mijn vader me gezegd heeft, staat mijn besluit vast en ik ga dat niet meer veranderen." Daarna zoende Dion me weer. "Ik kies voor jou."

Die avond vertrokken Dion en ik naar het rijk der Elfen. Alleen Will en Thom kwamen afscheid van ons nemen. "Jack, je bent een goede man.", zei Will, "Weet dat je vanbinnen altijd koning der Draken zult zijn." "Een wijs besluit maak je hier, Jack. En jij ook, Dion." "Dank u wel, Thom.", zei Dion. "Will, oude makker. Ik ga je missen." "Ja, ik jou ook. Je bent en blijft een goede vriend." "En vrienden heb je voor het leven.", voegde ik nog toe. "Zo is dat, wijze Jack. Het beste wens ik jullie toe in het rijk der Elfen."

In het rijk der Elfen regelde ik dat Dion en ik weer in mijn oude huis konden gaan wonen. "En waarmee gaan we ons brood verdienen?" "Visvangst." "Visvangst?" "Ja, visvangst. Dus, Dion, bereid je voor op rugbrekend en smerig werk." "Maar verdient het wel goed?" Ik knikte, visvangst was een goudmijntje voor zij die het wisten. "Elfen zijn gek op vis.", zei ik, "Dus ga je mee? We gaan vis vangen!"
Supersonic scorer
Vulpen
Beheer:
Berichten: 68
Lid geworden op: ma apr 02, 2018 10:08 am

Re: Het Zuiderkruis; Deel 3A

ma sep 24, 2018 3:33 pm

Het Zuiderkruis; De wraak van Velna

8 jaar later...

Dion en ik waren nu man en vrouw. We hadden geen kinderen, maar daar hadden we ook te druk voor. De visvangst was een intensieve manier om geld te verdienen. Ik, 39 jaar oud, wilde nog wel kinderen, maar de vraag was wanneer mijn 23-jarige vrouw Dion dat wilde. Het was een zonnige morgen, Dion en ik stonden op de markt. Ik maakte een praatje met een klant: "Zo, dus de makreel is vandaag extra goedkoop?" "Ja, 2 elfjes in plaats van 3." "En de forel?" "Niet in de aanbieding. Dat kost je nog steeds 4 elfjes." "Ik doe... eh... 2 makrelen." "Dat wordt dan 4 elfjes." De klant betaalt, Dion pakt 2 makrelen en geeft die aan de klant. "En nog een prettige dag!" "Bedankt, hetzelfde.", zei ik de klant. "Jack, hier moeten we het eigenlijk nog eens over hebben. Hoe sta jij tegenover kinderen?" "Ja, goeie vraag. Ik wil wel kinderen, dus ik wacht eigenlijk totdat jij daar klaar voor bent." "Oh, maar had dat dan even gezegd. Ik zit al vanaf mijn tweeëntwintigste af te wachten op de vraag of ik kinderen wil en in al die tijd wilde ik 'ja' zeggen." "Ja, dat had ik nou ook moeten weten." Dion lachte en zei: "Slim. Geheimhouding is geen goed idee." Ik knikte lachend en zei: "Nee, dat bleek ook al uit het wel of niet willen trouwen." "Ja, precies. Naderhand bleek dat we dat allebei wilden." Ik lachte weer en knikte: "Stom, hè?" "Nogal, ja."

Na een lange dag dronken Dion en ik wat thee. "We hebben goed verkocht, nietwaar?" "Ja, absoluut. Meer dan de helft is verkocht. Zo zie je maar weer eens: Elfen zijn dol op vis." Dion knikte en zei toen: "Zo, tijd voor kinderen." Ik verslikte mij bijna in mijn thee en zei: "Wow, rustig aan. Ik zit nog aan mijn thee." Dion lachte en zei: "Grapjas. Ik meende het nog niet." Ik knikte en dronk mijn thee in alle rust op. Toen werd er luid op de deur geklopt. "Jaja, hier ben ik al.", zei ik en ik opende de deur. Daar stond een man met een bekend gezicht. "Hallo, Jack." "U kent mij?" "Ben je dan je goede vrind Will vergeten?" "Will? Will! Oh, kom erin! Sorry dat ik je niet meteen herkende. Hoe is het?" "Slecht, moet je horen."

"Dus Graaf Drakenvuur is eigenlijk nog meer een tiran dan dat Velna dat was?" "Ja, het rijk der Draken is weer in opstand gekomen, en ze hebben jou tot leider uitgeroepen." "En hoe zit het met mijn zus, Sanne?", vroeg Dion. "Zij en ene Anna staan volledig achter Graaf Drakenvuur." Dion knikte, de nood was weer eens hoog.

Tijdens onze boottocht naar het rijk der Draken vroeg ik Will hoe hij uit het rijk der Draken was ontsnapt. "De burgers bevrijdden mij. Ze riepen mij uit tot Generaal Will en zetten me meteen op een boot naar het rijk der Elfen." "En Thom?" "Goeie Thom is geëxecuteerd door de graaf. Hij zwoer geen trouw aan Graaf Drakenvuur, maar aan jou. Hij heeft ook tegen Graaf Drakenvuur gezegd dat het niet hij was die de troon behoorde te krijgen, maar dat hij jou toebehoorde." "En dat pikte de graaf niet." Will knikte, het was dus erg bruut gegaan in het rijk der Draken. "En wat weet je van mijn zus, goeie Will? Hoe maakt zij het?" "Ik weet het niet, Dion. Ik heb voor mijn tijd in de gevangenis als onderduiker geleefd, om maar uit de handen van Graaf Drakenvuur te blijven." "En hield je dat lang vol?" "Nee, na een paar dagen was ik alweer opgepakt. Ik zweerde trouw aan de graaf, maar hij geloofde mij niet en gooide mij in de cel. De volgende dag zou ik geëxecuteerd worden, maar de burgers redden mij net op tijd." Ik knikte, de burgers waren geen seconde te vroeg met het redden van Will. Daar zou ik ze later een groots compliment voor kunnen geven.

We arriveerden in het rijk der Draken. "Alles is erger geworden. Er zijn zelfs burgers die zeggen dat Koningin Velna nog een lieverdje was.", fluisterde Will. "Juist ja. Dat is erg. Koningin Velna was absoluut geen lieverdje, en dat weten wij alle drie." Will en Dion knikten. "Waar wil je beginnen?" "Ik dacht aan een stille coup. Als we Graaf Drakenvuur nou kunnen vermoorden, gaan we een enorme slag zoals we tegen Velna leverden uit de weg." Ik gaf Will gelijk. Een coup zou vele malen veiliger en rustiger zijn. "En het maakt niet uit hoe: Graaf Drakenvuur moet dood." Ik knikte, de opdracht was meer dan duidelijk.

Wij kwamen aan bij het kasteel en ik vroeg meteen aan Will: "Hoe komen we binnen?" "Simpel, we nemen de geheime ingang. Zelfs de graaf weet daar niets van." "De geheime ingang? Heeft dit kasteel een geheime ingang?" "Ja, het riool.", fluisterde Will, "Dus ik hoop dat je vandaag niet je goeie goed hebt aangetrokken, want we kunnen wel eens heel vies worden." Dion viel even stil en zei: "Ik ga me even omkleden." "Ik ook.", zei ik en ik volgde Dion naar een nabije brug, waaronder we ons omkleedden.

We kwamen uit bij het gemak voor de bedienden. Net goed, hier zou de graaf nooit op ons wachten. Will keek hoe vies we waren geworden en concludeerde: "Nou, dat valt wel mee. We hadden er veel viezer door kunnen komen." Ik knikte, dit had veel erger gekund. Ik had alleen wat plas op mijn trui gekregen, Dion had helemaal nergens wat en Will had alleen wat plas op zijn schouders. "Iedereen gaat wel zeggen dat we een uur in de wind stinken." Ik lachte, maar Will zei: "We willen juist dat iedereen bij ons uit de buurt blijft. Dit kan alleen maar in ons voordeel werken."

We slopen door de gangen en kwamen aan bij de vertrekken van Sanne, de tweelingzus van Dion. Ze was binnen. Hardhandig vielen we haar vertrekken binnen en Will plaatste slim zijn hand op de mond van Sanne. Zo kon ze geen alarm slaan. "Luister goed, Sanne. We willen jou niet vermoorden. We willen alleen maar onderhandelen." Sanne knikte rustig, Will legde zijn hand op haar wang, voor het geval dat ze zich toch nog bedacht. "Wat willen jullie?"

"In de troonzaal, zei ze.", herhaalde ik. "Ja, daar moet de graaf zijn. En daar gebruik jij je zwaard en haal jij het hele rijk uit deze nachtmerrie." Al sluipend gingen we door de gangen en ook de trappenhuizen hielden we nauwlettend in de gaten. Uiteindelijk stonden we in de troonzaal, en wel zodanig dat we boven de troon stonden. "Nu jij, Jack.", sprak Will. Ik knikte en pakte zachtjes mijn zwaard. Toen mijn zwaard er bijna uit was, prikte er iets in mijn achterste: "Handen omhoog." Een wacht! Dat kon er nog wel bij! Nou, dat was het dan. We zouden naar de graaf gebracht worden en de volgende dag waarschijnlijk geëxecuteerd worden.
Supersonic scorer
Vulpen
Beheer:
Berichten: 68
Lid geworden op: ma apr 02, 2018 10:08 am

Re: Het Zuiderkruis; Deel 3B

za sep 29, 2018 4:43 pm

"Ah, Jack Vernis, de verloren koning der Draken. Bijgestaan door zijn goeie vriend Will en zijn vriendin Dion." "Vrouw!" "Wat zei je?" "Vrouw. Ik ben nu zijn vrouw.", herhaalde Dion. "Vrouw?! Hoe durf jij dat stuk vreten tot je man te nemen?!" "En bedankt, graaf. U toont uw dankbaarheid wel op een heel vreemde wijze." Graaf Drakenvuur richtte zich tot mij: "Jij moet helemaal je klep houden. Jij bent gevlucht toen dat niet moest." "Fout. Ik ben gevlucht, omdat ik niet aan uw voorwaarden kon voldoen en toen ik vernam dat u de troon in zou nemen, ben ik ook gevlucht om mijn leven veilig te stellen." Graaf Drakenvuur brieste: "Hoe durf je?! Ik heb jou geholpen en dit is hoe je mij bedankt?! Je smeert 'm!" "U stelde onredelijke voorwaarden. Ik moest Sanne ook nog uithuwelijken en dan nog trouwen met Dion en pas dan zou ik de troon mogen claimen." "Wel, je bent nu getrouwd met haar. Huwelijk Sanne uit en de troon is voor jou." Ik vertrouwde de graaf niet. Zo makkelijk zou hij de troon niet uit handen willen geven. Met andere woorden: Ik rook onraad. "Als dat alles is...", zei ik.

Dion, Sanne en ik zouden afreizen naar het rijk der Elfen, Graaf Drakenvuur bleef in het kasteel en Will werd naar de toren gebracht waar hij in gevangenschap zou leven totdat Dion en ik weer terug waren en een goeie man voor Sanne hadden gevonden. Sanne nam afscheid van haar ouders en kwam toen de boot op. Ik nam afscheid van de graaf en mijn moeder. En terwijl de boot de haven uitvoer, zei Dion tegen mij: "Dit is veel te makkelijk." "Dat dacht ik nou ook, maar laten we eerst maar even doen wat hij van ons vraagt."

"Wees welkom in mijn paleis, vreemdelingen. Waarmee kan ik u helpen?" Ik legde uit dat wij kwamen om voor Sanne een goeie man te vinden. "Ah,", sprak de koning der Elfen, "ik voel mij vereerd. Dat is een bijzondere reden om bij mij langs te komen." Ik knikte, ik was zelf ook vereerd dat wij zo gastvrij werden ontvangen. "Wel, uw schoonheid is betoverend.", sprak de koning der Elfen tegen Dion. "Excuseer mij, edele koning, maar ik ben al getrouwd. Met meneer Vernis." "Oh, excuses. Dan moet u Sanne zijn." Sanne knikte. Ik glimlachte, van binnen begon ik te hopen dat dit heel snel voorbij was.

Wij kregen een verblijf aangeboden en als echte gasten accepteerden wij dit. Dion en ik kregen een kamer en Sanne kreeg ook een kamer. Zo waren wij te gast bij de koning der Elfen. Sanne en de koning der Elfen praatten veel over het rijk der Elfen. Dion en ik wachtten het maar braaf af en we hoopten allebei dat goeie Will gespaard zou blijven in onze afwezigheid. "Zal Graaf Drakenvuur Will in leven houden?", vroeg ik Dion. "Ik kan het niet zeggen. Graaf Drakenvuur is niet meer mijn vader zoals ik hem kende." Ik gaf Dion gelijk, daarvoor kende ze haar eigen vader niet goed genoeg.

Sanne gaf bij ons aan de koning der Elfen wel aardig te vinden, maar dat hij niet haar liefde zou worden. "Dat kan wel wezen, Sanne, maar wat denk je dat Graaf Draken..." "Papa, als je het niet erg vindt, Dion." "Ik herken mijn eigen vader niet eens. Waarom zou ik hem dan nog wel zo noemen?" "Omdat hij dat uiteindelijk wel is? Dion, de man die jij Graaf Drakenvuur wilde noemen, is wel je vader." Ik nam het over van Dion: "En zij mag haar vader noemen zoals zij dat wil. Verkiest zij 'Graaf Drakenvuur' boven 'papa', dan is dat goed, Sanne. Laat haar daarin." Sanne zweeg, ik ging toen verder waar Dion gebleven was: "Om een lang verhaal kort te houden: wat zou Graaf Drakenvuur ervan vinden als hij hoort dat zijn dochter Sanne de koning eigenlijk niet wil?" "Dat weet ik, Jack.", zei Sanne met een zeurende toon, "Dan doet hij mij wat." "Daarom heb ik een plan. Luister goed."

"Dus Will wordt de man van Sanne?" "Als Sanne dat goed vindt...?", en ik keek vragend naar Sanne. "Akkoord. Als dat ons afhelpt van alle problemen die we nu hebben..." We hadden besloten wat we gingen doen en vertrokken de volgende dag nog, tot onbegrip van de koning der Elfen. Achteraf dacht ik: 'Ja, niet iedereen kan hiermee winnen.', en ik had gelijk. Bovendien had de koning der Elfen niets met deze lastige situatie te maken en zou het hem alleen maar ten goede komen als we hem erbuiten lieten. We reisden terug naar het rijk der Draken, om daar, eens te meer, de confrontatie aan te gaan met Graaf Drakenvuur.

"Wat?! Hoe durf je?!", brieste de graaf. "...Het spijt me, papa... Ik..." "Het spijt je helemaal niet, kreng!" Het viel helemaal stil in de troonzaal, niemand durfde nog een woord te zeggen. "Verliefd op die kluns van een Will. Hoe durf je?" "Papa, daar kan ik toch niks aan doen?" "Dat kun je wel!" Zoals we stiekem hadden afgesproken, rende Sanne de troonzaal uit, terwijl ze huilde en snikte. Ik bleef staan, Dion zou achter haar aan gaan. En Dion zette een sprint in waarmee ze Sanne zou moeten bijbenen. "En wat sta jij hier nou?", vroeg de graaf aan mij. Ik zweeg, wat moest ik ook antwoorden? "Ach, jij bent ook niets meer dan een nutteloze klungel!" "Ronald!", klonk er vanaf de troon, "Nou is het genoeg! Ik sta niet toe dat je mijn kinderen uitscheldt voor het mogelijke en het onmogelijke." "Anna, hou je mond! Ik ben de baas." Me bedenkend dat Sanne en Dion inmiddels bij de toren zouden moeten zijn, verliet ik ook de troonzaal. Graaf Drakenvuur had het gelukkig te druk met mijn moeder om mij op te kunnen merken.

"Een privégesprek met Will.", gebood ik de wachters. Een wachter knikte en liet ons binnen. "Jack. Jack! Goeie makker! Ik wist dat je terug zou keren!" Will en ik omhelsden elkaar als echte makkers. "Wat brengt je hier? Heb je een goede man voor Sanne gevonden?" "Will, ga even zitten. Wat ik nu ga vertellen, kan schokkend zijn." Will nam rustig plaats en zei: "Ik luister." "Will, terwijl Sanne, Dion en ik in het rijk der Elfen waren, hebben we het volgende bedacht, maar we hebben jouw coöperatie nodig." "Ik doe alles om hieruit te komen! Vertel op." "We gaan doen alsof Sanne hopeloos verliefd is op jou. Jij speelt dan dat je verliefd bent op Sanne, zodat de graaf gedwongen wordt om er werk van te maken. Op die manier halen we jou en Sanne uit deze lastige positie en maken we de positie van Graaf Drakenvuur minder stabiel. Zo kunnen we hem makkelijker elimineren."
Supersonic scorer
Vulpen
Beheer:
Berichten: 68
Lid geworden op: ma apr 02, 2018 10:08 am

Re: Het Zuiderkruis; Deel 3C

za okt 06, 2018 7:54 pm

"Sanne! Wat is dit?!" "Papa, ik..." "Hou je mond! Dit kan ik niet goedkeuren!" "Ronald, je doet alsof het twee mannen zijn die hier zaten te zoenen! Word nou eens redelijk!" "Graaf Drakenvuur,", zei ik hierop inspelend, "deze liefde moet u zelfs goedkeuren! De wet verbiedt het u om deze liefde af te keuren." "Jij moet helemaal je kwaak houden! Jij bent een impotente kluns en jij had dit moeten voorkomen!" "En hoe kon ik dat dan?! Het is liefde, graaf! Hoe kan ik liefde voorkomen?!" De graaf zweeg, hij wist dat ik gelijk had. De 'liefde' tussen Will en Sanne werd goedgekeurd. Graaf Drakenvuur had geen enkel benul van ons plannetje. Will en Sanne speelden hun rol fantastisch. Op een middag nam de graaf mij apart: "Ik moet toegeven, Jack. Misschien ben ik te grof geweest. Maar nu mijn beide dochters gelukkig zijn, merk ik dat ik voldaan ben." "Het is niet schadelijk voor het geslacht dat uw dochter op Will is gevallen. Will is misschien wel net zo wijs en belezen als dat u bent. Mochten ze trouwen, wat ook ik hoop, en kinderen krijgen, dan worden dat hele slimme kinderen. Uw nageslacht zal floreren over dit rijk en het rijk der Draken zal bestuurd worden door wijze, welbelezen koningen en koninginnen, waar u trots op kunt zijn." Graaf Drakenvuur knikte en zei: "Zo zal het zijn, Jack." Maar vanbinnen wist ik dat dit wel zou gebeuren, maar niet volgens de manier die de graaf in gedachten had...

"Morgen.", gaf ik als codewoordje door aan Will, die het zo snel mogelijk vertelde aan Sanne en Dion. Morgen zouden we Graaf Drakenvuur vermoorden, ik zou de koning der Draken worden en Will mijn raadsman. "Morgen zorg ik ervoor dat Graaf Drakenvuur en ik weer eens geïsoleerd zijn van de rest en daar moeten jullie toeslaan." "Waar zal je zijn, Jack?", vroeg Sanne. "In de tuin. Daar waar geen wachters rondlopen en ze ook maar moeilijk kunnen komen. Daar zal ik de eerste steek geven."

"Dus u wil niet dat ik koning word?", vroeg ik de graaf. "Nee,", zei Graaf Drakenvuur resoluut, "ik wil wel dat je koning wordt, maar pas als ik mijn levenslange termijn heb volbracht." "Maar in de tussentijd kan ik ook sterven. Hoe moet het dan?" "Dan zal Dion mij opvolgen." "Maar dan ben ik geen koning geweest." "Tja, ik kan niet iedereen blij maken, Jack." Vanbinnen stond ik verbaasd van de harteloosheid die Graaf Drakenvuur uitstraalde. 'Hij is geen haar beter dan mijn tante Velna!', bedacht ik me. Desondanks ging ik verder met het gesprek. Ik zou van Will het teken krijgen. Will zou me seinen wanneer iedereen er klaar voor was en ik de eerste steek kon geven. "Dat vind ik nogal ondankbaar overkomen na al mijn diensten die ik voor u gedaan heb." "Excuses dan daarvoor. Zo is het niet bedoeld." "Nee, ik bedoel dat ik maar matig beloond word voor mijn diensten." "Zeur niet! Dat ik je laat leven, is eigenlijk al een mazzeltje voor jou. Je moet niet denken dat je mij ongelooflijk geholpen hebt, want uiteindelijk was het nog niet zo simpel om de troon te krijgen." "Nee? Omdat niet ik gekroond werd, maar u?" "Dat was één van de redenen dat het niet met het grootste gemak ging, ja. De burgers waren er nogal boos over dat niet jij, maar ik de troon kreeg. Ze waren zwaar onder de indruk van je. Nou moet ik toegeven dat de manier waarop jij Velna van haar leven beroofde, mij enerzijds trots en voldaan maakte en anderzijds angstig. Ik werd bang dat jij hetzelfde met mij zou doen. En laat ik eerlijk wezen: zoals Velna stierf, zo zou ik nooit en te nimmer willen sterven." Ik gaf de graaf gelijk; het was geen eervolle dood: "Het was de enige manier waarop zij verdiende te sterven." "Je hebt gelijk, Jack. Velna kon en mocht niet op een andere manier aan haar einde komen." Ik keek even naar één van de fonteinen in de tuin, daarachter zat Will verstopt. Hij gaf mij het teken, ik knikte. Stilletjes haalde ik het mes tevoorschijn en ik stak het in zijn buik. "Dit is mijn wraak voor uw wraak.", zei ik op een nijdige toon. "Eervolle dood!", riep de graaf, maar Will en Dion kwamen er ook al op af. Ook zij staken Graaf Drakenvuur neer. Dion stak hem zelfs in zijn rug. Tot slot kwam Sanne er ook nog bij. Ook zij gaf een steek in de rug van de graaf. Toen haalden we de messen even terug. We bekeken hoe erg we Graaf Drakenvuur toegetakeld hadden. "Jullie...verraders! Jullie zijn allemaal verraders! Wachters! Help me!" "Niemand komt u helpen, graaf.", zei ik rustig, "Want niemand mag u! Niemand behalve Anna geeft om u, al is dat ook nog maar de vraag." "Nee. Nee, zij houdt van me!" "Dat denk ik niet!", riep een voor ons bekende stem. Koningin Anna liep de tuin in, een boze blik stond getekend in haar gezicht. "Ronald, ik wil je nu de waarheid vertellen. Dus luister." Ik zag de graaf angstig kijken. Ze zou het hem gaan vertellen. "In al die jaren dat wij samen zijn geweest, heb ik nooit echt van je gehouden. Ja, dat we kinderen gekregen hebben, is mooi. Maar je bent nooit een man geweest voor mij zoals de vader van Jack, Karel, is geweest." "Maar dat is toch niet mijn schuld?" "Jawel. Je kon net zo zijn als Karel, maar dat ben je nooit geworden. Ga je gang, Jack. Vermoord hem maar." Ik haalde mijn mes naar achter, klaar om hem in de borst van de graaf te steken. "Nee, nee, nee. Jack, ik zal je de troon geven. Ik zal het doen.", zei Graaf Drakenvuur paniekerig. Maar voor mij was het al te laat. Ik plantte mijn mes in zijn borst en de graaf stierf ter plekke. Mijn moeder knikte en zei: "Goed gedaan, Jack." Toch bekroop een angstig gevoel mij, al wist ik niet eens waarom...

In het paleis werd mij op een pijnlijke wijze duidelijk waarom ik angstig geworden was. Ik voelde een nare steek in mijn been en merkte op dat daar een mes zat. "Sorry, Jack, maar ik ben...", zei mijn moeder. Ik draaide me om en zag daar mijn grootste nachtmerrie werkelijkheid worden: Velna keerde terug. Mijn moeder veranderde in Velna. Vlak daarna veranderden Dion en Sanne in twee draken. "Nee. Dit kan niet waar zijn!", riep ik. "Leuke verrassing, hè?" "Hoe kan dit?" "Mijn dood werd voorzien. Welnu, wat zeg je ervan als ik een mooi verhaal uit de doeken doe?"
15 jaar geleden...

Het verhaal van Velna

["Velna, ik zie ook een jongen." "Een jongen?" "Een puber. Hij zal zijn vader verliezen en..." "Wat is zijn rol in mijn toekomst, helderziende?" "Deze jongen is jouw neef." "Wat?! Dat is onmogelijk!" "Nee, via je zus Anna is hij ter wereld gekomen. En op een dag zal hij je op een gruwelijke wijze doden. Een oneervolle dood zul je sterven." Ik keek vol ongeloof naar de helderziende. "Je liegt, helderziende!" "Twijfel nooit aan een voorspelling van een helderziende!" "Ik zal voorkomen dat ik zo oneervol zal sterven." "Je lot is al bezegeld. Je kan niks meer doen, Velna. Geniet van de dagen die nog hebt als prinses en later als koningin. Op een dag zal hij komen om je te doden." Ik verliet de helderziende en ging naar mijn paleis. Daar bracht ik eeuwenoude spreuken tot leven en ik nam je moeders lichaam in. Ik plaatste een vervanging van mezelf erin, die je wel zou ondersteunen, maar zodra de tijd gekomen zou zijn... zou die je vermoorden en ik zou terugkeren als Koningin Velna. Toen hoefde alleen maar je vader vermoord te worden en jij zou vanzelf naar mij toe gaan...]
15 jaar later...

Ik ademde ongecontroleerd. Ze had alles voorzien. Ik keek langs de draken, die zonet nog Dion en Sanne waren, om te zien of Will mij kon helpen. "Will?", vroeg Velna, "Maak je maar niet druk om hem. Hij zal morgen, net als jij, geëxecuteerd worden. Jullie zullen mooi naast elkaar bungelen." Ik wist even niet wat ik moest doen. "Sluit hem op, wachters. Of de dood wacht ook voor jullie!"
Supersonic scorer
Vulpen
Beheer:
Berichten: 68
Lid geworden op: ma apr 02, 2018 10:08 am

Re: Het Zuiderkruis; Deel 3D

zo okt 14, 2018 9:34 am

"Jack...", zei een bekende stem. "Vader...? Vader, bent u dat?" "Ja, zoon... Geef de moed niet op. Velna zal verslagen worden, maar je zult alle hulp nodig hebben die een mens wenst. Ontsnap met deze sleutel en vergeet je vriend Will niet. Vertrek dan naar het rijk der Elfen." "Maar... Vader... Ik..., ik kan dat niet." "Ja, zoon. Dat kun je wel. Gebruik deze sleutel... Red de wereld... Het is nog niet te laat..."

"Jack, je had mij niet moeten redden." "Kom op, Will. Geen tijd voor wat ik wel of niet had moeten doen. We moeten naar het rijk der Elfen. Nu!" Will en ik haastten ons naar de haven. We moesten nu weg, voordat Velna erachter zou komen dat we alweer ontsnapt waren...
Supersonic scorer
Vulpen
Beheer:
Berichten: 68
Lid geworden op: ma apr 02, 2018 10:08 am

Re: Het Zuiderkruis; Deel 4A

zo okt 14, 2018 9:37 am

Het Zuiderkruis; De 7 broers herenigd...

"Ik vind het spijtig voor je dat je eigen vrouw hebt moeten achterlaten in de handen van die verdomde Velna." Ik knikte, maar meer dan dat kon ik ook niet doen. Misschien was Dion nu al dood. Ik kon het niet zeggen. Misschien waren zij en Sanne de slachtoffers van de wraak van Velna. En mijn moeder dan. Haar ziel is al jaren geleden vertrokken. Elk moment dat zij en ik deelden, was dus een moment dat ik deelde met mijn tante in plaats van mijn moeder. Een traan rolde over mijn wang. "Wat denk je?", vroeg Will me. "...Ik denk aan al die momenten die ik, schijnbaar, gedeeld heb met mijn moeder. Al die tijd was dat dus mijn tante." "Je hebt je eigen moeder dus nooit echt gesproken." "Nee,", zei ik, "zij was al weg." "En nu houdt de ziel van Velna huis in je moeders lichaam. Het zal elk stukje van je moeder weg poetsen en..." "Will, stop!", riep ik naar mijn vriend, "Ik wil er niet eens over nadenken!" Will knikte, hij wist dat ik gelijk had en zweeg. Een lang stiltemoment later nam Will weer het woord: "Maar waar ik nog wel mee zit, Jack, is het volgende. We kunnen Velna niet haar gang laten gaan als koningin. Bedenk wat ze zal doen met haar macht en..." "Dat weet ik al.", kapte ik mijn vriend af, "Ze zal alles doen om de complete macht van de rijken te verkrijgen." "Ja, en wij kunnen toch niet stil blijven zitten en alles maar laten gebeuren? We moeten in actie komen!" "En waar wil je dan starten? We kunnen haar niet vermoorden, omdat ze bewaakt wordt door twee draken! We kunnen dus ook niet het paleis binnendringen! Ook kunnen we geen hulp inroepen, omdat zo'n beetje al onze makkers vermoord zijn! Heb jij nog één suggestie?!" Will zweeg. Hij wist dat onze opties en kansen nagenoeg nihil waren en dat het er niet op leek dat ze zouden keren. Toen verbrak mijn vaders stem de stilte: "Zoon, waar ben je mee bezig?! Zit je te kniezen, omdat je halfzus, en je vrouw, een draak is geworden, alle hoop verloren lijkt te zijn en er geen enkele manier is om Velna te vermoorden?" "Vader, ik..." "Stil! Jij luistert nu naar mij! Ik heb een manier bedacht om Velna voorgoed te verslaan, maar dan moeten jullie doen zoals ik dat zeg." "Akkoord, ik luister.", zei Will.

"Dus breng de 7 medaillons samen om zo de balans in alle rijken terug te laten keren?", concludeerde ik. "Juist, zoon. Met balans in de elementen zal geen enkel element meer de overhand hebben en zal vrede dus automatisch bewerkstelligd worden." "En hoe zit het met de sleutel die vrede brengt?", vroeg Will. "Die sleutel zal passen op een deur die ontstaat uit het balans der elementen..." "Wat zit daarachter?" Mijn vader zweeg op de vraag van Will. "Weet u dat?" "Nee,", gaf mijn vader toe, "daar zullen jullie zelf achter moeten komen." "Maar je weet wel waar we die deur kunnen vinden?", vroeg ik. "Ja, hij zal verschijnen in de tuin van het paleis." Ik bedankte mijn vader, zijn plannen hadden ons weer hoop gegeven.

We vertrokken diezelfde dag weer naar het rijk der Draken. En nu zouden we gaan winnen! Het moest maar eens afgelopen zijn met al dit gedoe omtrent de troon. Dan had Velna hem, dan had ik hem, dan had Graaf Drakenvuur hem, dan had Velna hem weer. Wat moesten de burgers wel niet denken van dit gedoe? Bij het paleis was alles rustig, nog wel. "We gaan weer via het riool naar binnen. Draken zijn veel te groot om ons te volgen." "En zeker Di..." "Stil! Zeg hun namen niet, want dan komen ze zeker weten op je af!" Ik bedankte Will voor dit advies we gingen zwijgend het riool in.

In de vertrekken van Velna troffen we Velna aan. Zij zag ons gelukkig niet. "Mijn 7 schatjes. Zodra jullie helemaal geactiveerd zijn, zal ik heersen met alles wat er bestaat! Jack Vernis zal ter plekke dood neervallen, Will zal ook sterven. En mijn nichtjes, die nu draken zijn, zullen in mijn naam orde houden in het rijk der Elfen en het rijk der Mensen." Een vals gelach kwam toen uit de kamer. "Wat een heks!", fluisterde Will naar me. Ik knikte, dat was mijn tante inderdaad! We spitsten onze oren om te horen of Velna nog meer te zeggen had, en dat had ze: "Even controleren of mijn generaal al het rijk der Mensen heeft onderworpen. En anders stuur ik mijn nicht Sanne erop af." Velna liep haar kamer uit, dit was onze kans! "De 7 medaillons zijn dus al bij elkaar.", fluisterde Will naar mij. Ik knikte, dit kon weleens heel makkelijk worden. Stilletjes slopen Will en ik naar binnen. Daar zag ik de medaillons als een soort halsketting op een tafeltje liggen. Snel telde ik ze. "1, 2, 3, 4, 5, 6. 6? Verdomme, ze heeft er één meegenomen!", vloekte ik. Will telde ze ook en ook hij kwam, hoe kon het ook anders, op 6 uit. "Oh, jee.", zei Will angstig, "Dat is niet goed." "Dat betekent maar één ding: Velna heeft de zevende.", zei ik.

Will bedacht het plan om Velna neer te slaan en het medaillon te jatten, maar ik zei: "Dat gaat ze merken. Als we nou het zo doen..." Ik stelde voor om te wachten totdat het nacht was. Dan zou het zevende medaillon stelen een stuk makkelijker zijn, hoopte ik. Will stemde ermee in en dus bleven we in het kasteel, wachtend op de nacht...
Supersonic scorer
Vulpen
Beheer:
Berichten: 68
Lid geworden op: ma apr 02, 2018 10:08 am

Re: Het Zuiderkruis; Deel 4B

ma nov 05, 2018 2:22 pm

Toen we zeker wisten dat Velna sliep, slopen Will en ik haar vertrekken in. Ik keek bij de medaillons, maar Will fluisterde: "Jack.", en wees naar de hals van Velna. Daar rustte het medaillon des doods. "Ai, ai.", fluisterde ik terug. Will knikte en tilde Velna voorzichtig op. "Pak het medaillon.", ademde hij. Voorzichtig haalde ik het medaillon weg bij Velna en nam ik het met de overige 6 medaillons mee. Will legde Velna weer voorzichtig neer en we maakten daarna dat we wegkwamen.

"De tuin. Daar moesten we wezen.", fluisterde Will. Ik knikte en we liepen stil de tuin in. Daarna pakte ik de medaillons, maar ik zag dat ze het nog niet allemaal deden. "Dat bedoelde ze dus.", fluisterde ik. "Wat? Wie?" "Velna had het erover dat de medaillons nog geactiveerd moesten worden. En dat zijn ze nog niet allemaal." "Maar hoe kunnen we ze dan activeren?" Ik zweeg, ik wist het niet. En Will wist het kennelijk ook niet. Ik sloot mijn ogen en vroeg: "Vader, weet jij hoe we de medaillons moeten activeren?" Na een korte tijd begon ik mijn vaders stem weer te horen: "Zoon, het is heel simpel. Leg de medaillons in een cirkel. Begin met ijs, daarna water, dan vuur, grond, dan dood, daarna leven en tot slot wederopstanding." "Hoe komt u aan deze volgorde?", vroeg Will. "Je kon het vinden in een boek uit de bibliotheek: het boek der elementen. Daarin werd in hoofdstuk 66 beschreven hoe de deur naar waarheid weer tevoorschijn getoverd kon worden. Is dat je echt ontgaan, Will?" "Ik vrees van wel. Wel gek, want ik heb ook het boek der elementen gelezen." Ik had ondertussen de medaillons in de juiste volgorde gelegd en ze begonnen allemaal te gloeien. Aan de andere kant van de tuin verscheen een enorme deur. "Vader, moet die deur open?" "Ja, met de sleutel die vrede brengt. Wees snel, want Velna is wakker geworden. Zodra ze erachter komt dat ze haar medaillons kwijt is, zal ze het hele paleis bij elkaar schreeuwen." Ik bedankte mijn vader voor zijn raad en adviezen; hij had ons weer eens een enorme dienst bewezen. "Waar is die sleutel, Will?" "Niet hier." "Zijn we die vergeten?"

Ik sprintte het kasteel weer uit met de sleutel in mijn hand en Velna op mijn hielen. Ongelooflijk, wat waren we dom bezig! We hadden de sleutel gewoon in de vertrekken van Velna laten liggen, alsof het helemaal niet iets belangrijks was. Snel haastte ik me naar buiten, de deur stond daar nog. Velna rende nog steeds achter me aan, tegelijkertijd riep ze dat Dion moest komen. Een enorme zwarte draak gromde naar me, ze was kilometers in de lucht. Ik keek even omhoog en zag de draak een duikvlucht maken. Foute boel! Snel rende ik verder naar de deur. Ik stak de sleutel in het slot van de deur en opende hem. 7 zielen vlogen uit de deur. Ze vlogen direct naar de 7 medaillons, waar Will nog steeds bij stond. Velna, Will en ik zagen de zielen in de medaillons duiken en voor we het wisten, stonden daar 7 mannen. Will schrok er kennelijk van, hij deinsde enigszins bang achteruit. "Nee!", riep Velna, "De 7 broers zijn herenigd!" Ik keek naar Will, ik begreep niet wat Velna bedoelde. "De 7 broers waren ooit een ridderorde. Ze bestonden uit 7 ridders, die elk een element controleerde. Zo handhaafden ze jarenlang vrede totdat Velna inzag dat ze op te ruimen waren. En dus ging ze hen één voor één laten vermoorden, zodat ze haar gang kon gaan." Ik knikte en keek naar de 7 broers. Ik herkende er één; dat was mijn vader! Hij leefde weer! "Broers, we moeten Velna pakken. Broer des doods, laat haar dood neervallen." Velna bleef ineens staan en klaarblijkelijk concentreerde ze zich. "Ze verzet zich." Ik keek naar Velna en trok mijn zwaard. "Zoon, niet doen.", sprak mijn vader, "Daar gaat ze nu niet dood aan." Ik deed mijn zwaard weer in mijn riem en keek naar Will. Hij begreep er zo te zien ook bar weinig van. Ondertussen kwam de draak naar beneden. "Wederopstanding tot...?", vroeg één van de 7 broers aan mij en Will. "Dion, mijn vrouw.", zei ik. De broer ging ermee aan de slag en warempel zeg! Ik wist niet wat ik zag! De draak verdween en ervoor in de plaats verscheen Dion, naakt. Ze zakte in elkaar, ik rende naar haar toe en knielde bij haar. "Dion, Dion, ben je daar?" "...Hm...Jack? Ben jij...Jack?" "Ja, dat ben ik. Gaat het?" Dion knikte lichtjes, maar uiteindelijk zweeg ze. "Dion! Dion!", riep ik met tranen in m'n ogen. Dion bleef stil, ik keek naar de 7 broers: "Is ze... dood?" De broer die het medaillon der leven droeg, keek naar Dion en zei toen: "Nog niet, maar het scheelt niet veel. Ik zal kijken of ik haar nog levensenergie kan geven." Ondertussen zag ik Velna verzwakken. Ze begon het te verliezen van de broer met het medaillon der dood. "Sanne, hier. Vermoord deze 7 broers.", schreeuwde ze ineens. "Ze roept nog een draak op. Opgepast!", waarschuwde ik. Mijn vader vroeg aan de broer met het medaillon der dood of hij hulp nodig had. "Graag, broer. Velna moet dood." Ik bleef bij Dion staan, wachtend op Sanne. Will ging naast me staan en trok zijn zwaard, terwijl hij zenuwachtig keek naar de lucht.

Ineens zette iets een enorme duik in: "Sanne komt eraan, Will. Wees erop voorbereid." Ik tilde Dion op en nam haar op mijn rug. Ik voelde haar zeer zachte ademhaling en dat gaf me weer een beetje moed. Ze was dus nog niet dood. "Ga niet dood, Dion. Je moet bij me blijven.", fluisterde ik haar in. Will opende de aanval op Sanne en verwondde haar meteen. Zijn zwaard kwam hard in de poot van Sanne terecht. Sanne gromde onheilspellend, ik rende weg. "Waar ga je heen, Jack?", riep Will. "Ik moet Dion verzorgen. Ze gaat het zo niet redden." De broer met het medaillon der leven rende achter mij aan en zei dat hij zou helpen.

Dion opende langzaam haar ogen, ze zag mij. "...Jack...", fluisterde ze. Een traan van vreugde rolde over mijn wang. Ze leefde nog. Ik plaatste een hand op haar wang, Dion plaatste haar hand op mijn wang. "Ik zou niet zonder je kunnen.", fluisterde ik Dion toe. Dion bracht haar hoofd naar me toe en ze zoende me. Ik zoende meteen terug en ze vroeg na onze zoen of ik nog van haar hield: "Ondanks dat ik je probeerde te doden?" "Dion,", sprak ik, "je moet nu wel weten dat ik nog steeds heel veel van je hou. En dat je me probeerde te doden, begrijp ik. Je was een draak en je moest bevelen opvolgen van Velna. Maar ik ben je er niet minder lief van gaan vinden, want ik geloofde dat onder die drakenhuid nog steeds de Dion zat waarop verliefd ben geworden." Dion zweeg en bedankte me uiteindelijk. "Ze weet dat ze het niet gaat redden.", sprak de broer met het medaillon der leven. "Ze gaat dus toch dood?", vroeg ik. "Het spijt me, Jack, maar ik kan haar niet meer redden." Ik keek met tranen in m'n ogen naar Dion, Dion keek me aan met dezelfde verdrietigheid. Ik gaf haar een zoentje op haar voorhoofd: "Ik ga je missen, lieverd." "Ik jou ook. Ik wil dat je weet, nog voor ik sterf, dat ik van je hou." Ik begon nu toch echt te huilen en beantwoordde haar met dezelfde woorden: "Ik hou van je." Daarna gaf ik haar een knuffel, zij omhelsde mij ook. "Ik wil nog niet sterven.", zei ze. Ik knikte en zei dat ik het begreep, maar ik zei ook dat ik er niks aan kon doen. "Nee, en daar kan ik niet tegen.", zei ze. Ik omhelsde haar weer en daarna zei ze zachtjes tegen me: "En toch ga ik. Maar niet voordat ik tegen je gezegd heb dat ik van je hou." "Ik hou ook van je. Dat zal nooit meer over gaan." Daarna zoenden we nog één keer. Dion ging weer liggen op haar bed en ze sloot haar ogen... voorgoed...
Supersonic scorer
Vulpen
Beheer:
Berichten: 68
Lid geworden op: ma apr 02, 2018 10:08 am

Re: Het Zuiderkruis; Deel 4C

vr nov 09, 2018 7:28 am

Ik kwam weer buiten. Sanne, die nog steeds een draak was, wilde het maar niet opgeven tegen één van de broers en Will. Velna verzette zich nog hevig tegen de kracht van de dood. In een moment van blinde woede trok ik mijn zwaard en onthoofdde ik Velna. Ik zocht naar haar hoofd, zodat ik daar mijn woede op kon uiten. Echter zag ik dat het hoofd er alweer aangegroeid was. Ongelooflijk, deze vrouw wilde echt nog niet dood! Ik rende naar Sanne en stak haar in haar poot. Zij gromde en haalde uit naar me. Gelukkig miste ze. "Hoe is het met Dion?", vroeg Will me. "Ze is net overleden.", zei ik met tranen in mijn ogen. Woest hakte ik in op Sanne, met succes: ze begon te verzwakken. Uiteindelijk liet Sanne haar kop hangen, Will reageerde meteen: "Jack, stop! Als een draak zijn kop laat hangen, geeft hij aan dat jij sterker bent en smeekt hij om genade." Ik stak mijn zwaard terug in mijn riem en vroeg of iemand Sanne uit dit lichaam kon bevrijden. Sanne was vrij!

"Wat is er met mijn zus?", vroeg Sanne aan mij. "Ze... ze is overleden.", zei ik. "Nee, dat kan niet.", reageerde Sanne vol ongeloof. "Ze ligt naast je.", zei ik. Sanne keek naar het levenloze lichaam van haar zus en begon te huilen. Ik liet ook wat tranen rollen, want ook ik hield van Dion. De broer met het medaillon der leven zei toen: "Ik voel dat Sanne eenzelfde levensmoeheid heeft als haar zus." "Zal ik dan ook sterven?!" "Ik ben bang van wel." Sanne werd bang en vroeg aan mij of ik nog iets wilde doen. "Wat dan, Sanne?" "Ik wil je nog een bedankje geven voor alle goede zorgen voor mij en mijn zus. Namens ons beiden wil ik zeggen dat je geweldig over ons gewaakt hebt. Je weet dat Dion van je houdt en altijd bij je zal zijn als een soort beschermengeltje. Je hebt ons bevrijd van Velna en Graaf Drakenvuur. Jack, ik wil dat je weet dat JIJ de rechtvaardige koning van het rijk der Draken bent. Jij verdient de troon." "Dank je wel, Sanne." Sanne zweeg heel even voordat ze verder praatte: "Jack, ik wil je nog iets geven... voordat ik... ga..." "Wat dan, Sanne?" Sanne zoende me ineens en zei daarna: "Sorry, maar... ik wil... dat je weet... dat ik ook... van je hou... Neem dit... als aandenken... aan je stiefzussen..." Sanne gaf me twee ringen. De ene ring had een 'D' gegraveerd in de diamant, de ander had een 'S'. Daarna gaf ze me nog een zoen en ook zei sloot daarna voorgoed haar ogen...

Velna stortte in elkaar, ze was uitgeput. "Stop!", riep mijn vader, "Ik wil Velna overhandigen aan mijn zoon, de koning van de Draken. Hij weet wel raad met dit schoelje." Ik liep naar Velna toe en zei haar: "Opdat je nooit meer terug zult keren dan maar." "Jack... Dood me niet... Je zult je moeder ook doden..." Ik keek naar mijn vader, maar hij zei meteen: "Zoon, je moeder is allang dood. Ze is overleden toen de ziel van Velna haar lichaam innam. Het spijt me dat ik het niet kon voorkomen." Toen keek ik even naar Will. "Nou, Jack, waar wacht je nog op? Eén simpele steek en dat is het voor haar." Will had gelijk: ik moest Velna doden. En dat deed ik. Ik stak mijn zwaard in haar borstkas en zei daarna: "Doei, tante." Vervolgens werd het levenloze lichaam ingevroren door de broer met het ijsmedaillon. Het was voorbij. Van haar zouden we geen last meer ondervinden.

De volgende dag werd ik gekroond tot koning Jack I, koning der Draken. Ik maakte bekend dat Will mijn raadsman zou worden en dat alle eer van de 7 broers hersteld zou worden. De 7 broers waren de rechtmatige eigenaars van de toren van Graaf Drakenvuur en dus kregen ze die terug. Helaas maakte ik ook bekend dat de geliefde dochters van Graaf Drakenvuur vroegtijdig overleden waren. Hierop gaf ik ze een eervolle begrafenis. De beiden prinsessen werden op mooie wijze begraven, maar ik wist zeker dat ze in mijn gedachten zouden voortleven als twee liefdevolle zussen, zwaar verliefd op mij. Ik hield ook van hen en dat maakte de begrafenis ook voor mij zwaar. Ik moest ze los gaan laten. Het zou goed komen met hen. Ze waren nu in het paradijs en daar was alles goed... Die gedachte liet toch weer een traan bij me rollen.

In de dagen erna werd ik bestempeld als een goddelijke koning die, naar vertellers zeggen, de kwaadaardige koningin Velna gedood had en weer voor vrede en rust had gezorgd. Ja, nu was ik de koning! Maar toch ontbrak er nog iets... Een koningin. En dat werd me op een pijnlijke manier duidelijk. Op een dag keek ik naast mij en zag ik een lege troon. Deze was aan mij geschonken door het volk en diende voor een koningin. Ik bedacht me die dag dat ik geen vrouw meer had en dus werd het voor mij tijd dat ik er eens een ging zoeken. Zelfs Will en mijn vader hadden al een vrouw gevonden. Will was al een tijd getrouwd met ene Jolanda en mijn vader had een vrouw genaamd Daniëlle. Ik had geen vrouw, maar nu ik de troon had, wist ik dat ik de troon moest doorgeven aan mijn kinderen. En akkoord, toegegeven: ik miste ook wel een vrouwelijk figuur om me heen. Ik besprak dit met Will. Hij zei na een korte stilte: "Ja, u heeft geen vrouw." "Will, hoe vaak moet je nou nog zeggen dat jij als één van de weinigen gewoon 'je' tegen me mag zeggen?" "Zeker nog één keer, uwe majesteit." Ik kon een glimlach niet onderdrukken, Will was zo'n trouwe raadsman. "Ik zou adviseren om te gaan kijken bij de prinses van de Mensen. Die is al jarenlang vrijgezel en ze is wanhopig op zoek naar een man."

"Koning Jack I, u vereert ons met uw bezoek." "Dank u.", groette ik de koning der Mensen beleefd. "Vertelt u mij eens, waarom bent u hier?" "Ik kan met veel moeilijke woorden strooien, maar ik ben eigenlijk opzoek naar een vrouw. En in het rijk der Draken zijn die er nou niet echt in grote getale." "Nee,", lachte de koning, "dat klopt. Hier hebben we wat dat betreft genoeg vrouwen rondlopen. Mag ik vragen? Wilt u dat diegene wel of niet blauw bloed heeft?"

Enige tijd later had ik de eerste ontmoeting met de prinses der Mensen, prinses Miranda. "Koning Jack I, neem ik aan?", vroeg ze kordaat. Ik gaf haar een hand, zij schudde die beleefd. "Prinses Miranda, mag ik aannemen?" Prinses Miranda knikte en zei dat ik gelijk had. "Mag ik u uitnodigen op een wandeling door deze majestueus mooie tuin?" De prinses ging blozend in op mijn uitnodiging. Wat was ze mooi als ze bloosde! Het deed mijn hart sneller kloppen. Deze vrouw was mooi.
Enkele bezoeken over en weer waren zowel zij als ik erover uit dat we zouden gaan trouwen. Tijdens een wandeling door de tuin van mijn kasteel keek ze mij aan met een niet te weigeren blik. "Koning Jack, je moet weten dat ik steeds meer en meer moet blozen als ik je aankijk. Ik ben denk ik verliefd." "Ik vind het juist leuk als je moet blozen. Dan vind ik je er zo lief uit zien. Je hebt gelijk; jij ben inderdaad verliefd. Maar je moet weten dat ik dat ook ben. Ik hou van je." Zonder nog een woord eraan vuil te maken, zoenden we. Het was voor mij een gouden zoen; zelfs Dion kon deze niet overtreffen. We zouden snel genoeg gaan trouwen.

Terug naar “Oorlog”