Tijger

Het Podium voor de korte verhalen
Sive Hiolair
Balpen
Beheer:
Berichten: 52
Lid geworden op: wo okt 25, 2017 12:46 pm

Tijger

zo nov 25, 2018 8:37 am

Wegens gebrek aan zin om iets verder te schrijven zal ik een stukje posten van iets waar ik al een eindje mee bezig ben. Wat denken jullie van het opzet?


In het midden van de grot stond er een houten staak met metalen ketenen aan bevestigd, de stenen muren waren vochtig van het regenwater dat al lang verdwenen was in de metalen roosters in de grond. Nadya keek naar het gat waar het zonlicht binnenviel, het verlichte de staak in een bijna hemels licht, Nadya fronste en draaide zich snel om.
“De ketenen zijn te veel van het goede,” zei ze tegen Moeder Overste. De kleine vrouw in de donkergrijze habijt lachte vrolijk, het klonk zo jong wat sterk in contrast stond met de vele rimpels die het gezicht van de oude vrouw bedekten.
“De ketenen zijn nog van vroeger toen hier de ergste criminelen werden gevangen gehouden. Mijn kind, als je de ketenen niet wenst te gebruiken hoeft het ook niet.”
Moeder Overste haalde haar schouders op en vervolgde: "Uiteindelijk ben jij degene die mij om hulp heeft gevraagd.”
Nadya knikte: “Ja, Moeder Overste.” Ze trok aan de metalen staven die de kleine vochtige grot afsloot en gromde toen ze merkte dat ze er amper beweging in kreeg.
Een grimmige voldoening verspreide door haar lichaam en ze zei: “Dit zal voldoen.”

___________

Ze werd wakker van water die langs haar gezicht op de grond droop, geschrokken schoot ze recht en keek om zich heen. Een woede werd meester van haar, van alle plaatsen waar ze haar hadden opgesloten zat ze nu in een cel! De stortregen suisde naar binnen in de grot langs de grote opening bovenaan en spetterde op de grond alle kanten uit. Ze had liggen slapen langs de kant waar ze waarschijnlijk droog was gebleven had het niet zo hard geregend. De muur waar ze tegen schurkte was vochtig maar het was beter dan in het gespetter te blijven liggen. Het laken dat op haar had gelegen is met recht te springen op een afvoer terechtgekomen waar het de draaikolk van water tegenhield om weg te lopen. Een kleine vloek onderdrukkend sprong ze de regen in en trok het laken met zich mee naar een droge plek. Niet dat het laken nog enig nut had, het was doorweekt.
“Hey!” riep ze naar boven toe.
Een tralies trok haar aandacht en zonder te letten op de regen spurtte ze naar de overkant en gooide al haar kracht tegen de metalen staven die amper bewogen. Ze nam de tralies vast met beide handen en begon eraan te ratelen.
“Laat me los!” krijste ze naar buiten, “Laat me hier uit!”
Ze bleef maar roepen en sleuren aan de tralies tot haar spieren moe waren en haar stem bijna schor was. Eens ze stil was kon ze het geschuifel horen, het kwam van ver maar dat hield haar niet tegen.
“Hallo! Is daar iemand!” riep ze.
Het geschuifel versnelde niet maar het kwam wel dichterbij totdat ze een oudere vrouw zag in een grijze habijt.
“Gelukkig bent u hier, zuster!” riep de gevangen vrouw uit. “Je moet me loslaten, ze hebben mij hier opgesloten.”
De vrouw kwam tot stilstand vlak voor de celdeur en bestudeerde de vrouw met donkere ogen, bijna verborgen onder de vele rimpels.
“Kan je iets stiller zijn? Er slapen kinderen boven,” zei de oudere vrouw onverstoord.
“Wat?” vroeg de gevangen vrouw. “Wat maakt dat mij uit? Laat me hieruit.”
“Dat kan ik niet,” zei de oude vrouw. “Ik ben Moeder Overste en jij hebt jezelf hier opgesloten.”
De gevangen vrouw zette verbaasd een stap achteruit, een stekende pijn verspreidde zich door haar hoofd en ze viel bijna door haar knieën. Vage vormen en kleuren verschenen voor haar geestesoog en verdwenen terug voor ze er iets van kon maken..
“Nee, dit kan niet,” fluisterde ze met haar handen om haar hoofd, “Nee, Nee.”
“Ik mag je pas vrijlaten als je mijn vraag kan antwoorden.” zei de oude vrouw en grinnikte erbij. “Eigenlijk is het jouw vraag.”
Ze zat de gevangen vrouw te bestuderen met haar oude wijze ogen.
De gevangene voelde een vlam door zich verspreiden, een allesoverheersende razernij. Ze sprong tot aan de tralies en greep naar de oude vrouw die net een stap achteruit deed.
“Laat me los” Brulde de gevangene en begon wild aan de tralies te sleuren, speeksel droop van haar lippen maar ze merkte het amper.
“Je hebt me zelf gewaarschuwd voor de gouden ogen en toch, nu ik het met mijn eigen ogen zie kan ik het nog altijd moeilijk te geloven, “ zei Moeder Overste, “De gevaarlijke Tijger, de slachter. Wat een paar ogen allemaal kan verbergen”
De zuster schudde met haar hoofd voor ze zich omdraaide en wegliep van de gevangen Tijger.
“Wacht? Vertel me de vraag, ik zal antwoorden!” riep Tijger haar na terwijl ze met de tralies ratelde.
Vertel me de vraag of jij en ieder ander in dit gebouw zal het beklagen,” zei Tijger met een ijzige stem.
Het deed Moeder Overste stilstaan en over haar schouder kijken.
“Wat is de naam van de onschuld?”
Zonder te wachten op een antwoord vertrok Moeder Overste en liet Tijger al krijsend en tierend achter.
Al doende leert men.
Gebruikersavatar
Maaike
Beheer
Columnist
Contacteer:
Beheer:
Berichten: 716
Lid geworden op: wo nov 02, 2016 6:58 pm

Re: Tijger

di dec 11, 2018 6:50 pm

Spannend begin! Ik vermoedde al iets van een 'gespleten' persoonlijkheid omdat ze zichzelf wilde opsluiten. Een intrigerend onderwerp. Want hoe leef je met twee gezichten, helemaal als de onschuldige kennis heeft van de Tijger. Ik ben zeer benieuwd hoe het verder gaat! Hopelijk post je nog een stukje (:
It always seems impossible until it's done. Keep writing!
Gebruikersavatar
Libelle
Kroontjespen
Beheer:
Berichten: 196
Lid geworden op: di okt 17, 2017 6:59 am

Re: Tijger

zo dec 16, 2018 3:28 pm

intrigerend bijna filosofisch, orgineel onderwerp.
Mijn verstand breng mij van A naar B, mijn verbeelding voert mij overal.

Terug naar “One-shots”