De kroon van het woud

Het Podium voor de korte verhalen
Gebruikersavatar
Maaike
Beheer
Columnist
Contacteer:
Beheer:
Berichten: 716
Lid geworden op: wo nov 02, 2016 6:58 pm

De kroon van het woud

wo aug 23, 2017 6:55 pm

Omgeven door water zit een jong meisje op een kist. Aan beide zijden van de kist bungelen haar verkleumde voeten. Er is nergens een teken van leven te zien, land is al lang geleden achter de golven verdwenen en de meeuwen zijn hun nieuwsgierige interesse verloren. De regen striemt over haar heen, de golven duwen onstuimig tegen de kist, maar het lijkt haar niet te deren. Donkere lange krullen plakken tegen haar hals. Scheef op haar hoofd gezakt, staat de sierlijke kroon van het Woud.
Rinia durft niet achterom te kijken, want ze is bang om de rook te zien die boven de bomen uitkwam, nadat haar vader haar de rivier op stuurde. Haar handen steunen op kist, terwijl ze probeert te herinneren, wat haar vader zei voordat hij haar achterliet op het water. Waarom ze de kroon van moeder nooit mocht verliezen en waarom het veiliger was af te drijven. Weg van de vuurkoningin die magische wezens verafschuwt, weg van de vlammen die niet te temmen zijn. Maar ze kan het zich niet herinneren, de kou die van uit haar tenen, door al haar botten heen trekt, leidt haar teveel af.
Rinia duwt met een verkrampte hand haar kroon goed op haar hoofd. Moeder had ze moeten stoppen, ze was de beschermer van het woud! Ze kende de magie en… en… nu wint de vuurkoningin! De vrouw die de goede koning trouwde en hen allemaal haat. Nu is Rinia alleen, te midden van het oneindige water. Misschien is daar beneden de veiligheid die ze zoekt.
Rinia leunt wat opzij om in het water te kijken. Diep onder haar ziet ze schimmen zwemmen, de waterwezens deinzen nergens voor terug en Rinia kan hen geen ongelijk geven. Als zij een waterwezen was en de vuurkoningin zou op haar jagen zou ze ergens anders heen zwemmen. Het water stopt nooit, niet zoals het land. Ze herinnert zich dat de ziener vertelde dat er boten naar het eiland zouden komen. Dat de gardisten van de koningin hun zwaarden zouden trekken en dat het vuur de koningin zou gehoorzamen.
Rinia knijpt haar ogen dicht, als ongewild het beeld verschijnt van de gardisten die haar moeder het huis uittrekken. Hoe ze het vuur loslieten om moeder te verslinden. Rillingen lopen over haar rug die niet van de kou komen. De kroon… hij was gevallen en Rinia had hem opgepakt, dicht tegen zich aangeklemd, want de drager van de kroon zou de magische wezens beschermen. Zouden de wezens van het water ook magisch zijn?
Opnieuw kijkt Rinia het water in. Als ze nergens land tegenkomt, zou ze zich in het water kunnen laten glijden. Dan zou ze een waterwezen kunnen worden en misschien zouden die wezens haar kunnen helpen de koningin te vernietigen door hetzelfde vuur wat op het Woud is afgestuurd. Rinia schudt verschrikt haar hoofd. Wraak, is volgens haar moeder, slechts onkruid en onkruid vergaat niet. Als je het laat ontspruiten, zal het nooit meer wegtrekken en dat is precies wat de koningin heeft gedaan.
‘Papa!’ schreeuwt Rinia over het water, haar stem is rauw van de vele keren dat ze hem heeft geroepen. Rinia wil niets liever dan dat hij haar bij hem had gehouden, hoe gevaarlijk ook.
Een schaduw in het water wordt groter. Voor deze wezens zou Rinia bang moeten zijn, want het zijn duivels. Ze trekken je onderwater en dan verdrink je terwijl je smacht naar dat wat je eens bezat, maar Rinia is banger voor de vuurkoning dan voor hen in het water. Voor ze het weet is de schaduw verdwenen. Rinia rekt zich iets uit om aan de andere kant van de kist het water in te kijken.
‘Waar gaat de prinses heen?’
Verschrikt kijkt Rinia in de glinsterende donkerblauwe ogen. Rina kijkt het waterwezen met open mond aan, ze had een verschrikkelijk wezen verwacht, maar de vrouw tegenover haar vindt ze mooi.
‘Papa zei…’
‘De koning?’
Het onschuldige gelaat van het watermens verandert en krijgt iets duivels over zich. Rinia schudt verschrikt haar hoofd. Als hij een koning was geweest, hadden de vlammen naar hem geluisterd, waren ze bang voor hem geweest en had het vuur niet moeder in as veranderd en het dorp vernietigd.
‘En je kroon dan? Je witte jurk? Behoren die niet toe aan een prinses?’
Rinia kijkt even naar haar natte jurk die tegen haar lijf plakt door de eindeloze regen. Het was nacht geweest toen de gardisten kwamen. Chaos toen haar vader de kist naar buiten sleepte en haar beval hem te volgen en hem te beloven de kroon met trots te dragen. De kroon die ze nadat haar moeder in het vuur werd geduwd niet meer had losgelaten.
‘Ik ben geen prinses,’ antwoordt Rinia fel, ‘Als ik dat was, was het allemaal nooit gebeurd!’
De grijze ogen van Rinia vullen zich met tranen en vermengen zich met de regen. Ze haalt haar neus op.
‘Maar je bent wel van het woud en je draagt een kroon, klein meisje.’ Rinia wil het waterwezen niet aankijken. ‘Heksenprinses.’
Het waterwezen lacht en laat zich onderwater zakken. Zonder erbij na te denken, probeert Rinia over de kist heen te kijken. Ze voelt hoe de kist onder haar vandaan glijdt, weggetrokken door golven. Het water voelt koud tegen haar gezicht en ze slaat in paniek met haar armen om haar heen. Ze ziet haar kroon, het laatste wat ze van thuis heeft, onder water wegzakken.
‘Mama!’ gilt Rinia tegen de golven. Ze laat zich door het water naar beneden duwen en schopt om zich heen. Hoe dieper ze komt, hoe rustiger het om haar heen wordt. Rinia strekt zich uit naar de kroon en grijpt de rand vast. Even opent ze haar mond en ziet luchtbellen verschijnen. Ze kijkt hoe ze wegzweven, richting een grote wazige lichtvlek. Haar jurk wervelt om haar heen. Het wazige licht boven haar wordt vergezeld door witte en zwarte vlekken. Zou vader deze plek als veilig beschouwen? Rinia glimlacht. Een klein stemmetje schreeuwt ver weg in haar hoofd, maar ze negeert het. Hier diep onder het water, al zwevend waar het stil is, weet ze dat ze bijna terug bij haar ouders is. Haar gezichtsveld wordt donkerder en even denkt ze een wit strand te zien, waar ze met haar kist aanspoelt. Een warme zon straalt in een blauwe lucht en haar ouders wachten op haar.

***

Overal is geruis en iets laat haar lichaam bewegen zonder dat ze daar zelf iets voor doet. Water stroomt warm uit haar mond en dan snakt ze naar lucht. Haar lichaam kromt zich en al hoestend probeert ze overeind te komen. Iets warms houdt haar tegen de grond aangedrukt.
‘Rustig maar, kleintje, alles komt goed.’
Koude regendruppels spatten op haar gezicht uiteen. Rinia opent moeizaam haar ogen en kijkt tegen hout aan. Voorzichtig kijkt ze verder omhoog, eerst ziet ze alleen een hemel vol donkere wolken dan verschijnt het gezicht van het waterwezen.
‘Kleine heksenprinses,’ zegt het waterwezen vriendelijk. Ze strijkt wat haren uit Rinia’s gezicht. ‘Wees onzichtbaar voor de klauwen van de koningin, maar vergeet niet waar je vandaan komt.’ Verdwaasd kijkt Rinia de watervrouw in haar donkerblauwe ogen, terwijl die de kroon naast Rinia neerzet. ‘Hoeveel vuur ze ook op de wezens van het woud afstuurt, zolang je de kroon waardig draagt, zal ze je nooit kunnen verslaan.’ Even zwijgt de watervrouw en kijkt over het water uit, dan wendt ze zich naar Rinia. ‘Leondro zal over je waken.’
Rinia draait zich moeizaam om en ziet een man vlak achter haar zitten. In elke hand heeft hij een roeispaan vast en glimlacht naar haar.
‘Het komt goed meissie. Waar wij heen gaan, daar komen nooit de vlammen van de koningin!’
Rinia draait zich terug naar het waterwezen, maar die is verdwenen. Moe sluit ze haar ogen en luistert naar het geruis van de onrustige zee.

***

Bij haar nieuwe thuis zijn geen bomen, geen woudwezens en overal waar Rinia kijkt is water. Het kleine eiland waar Leondro haar naar toe heeft meegenomen ligt ver uit de kust, maar op heldere dagen kan Rinia land grijs tegen de horizon zien afsteken.
Rinia loopt op blote voeten over het zand, in haar handen heeft ze haar kroon geklemd. Aan de rand blijft ze staan en kijkt naar de golven. Voor haar is niets dan zee en achter haar, voorbij het eiland is het land van de vuurkoningin. In de zee zijn de enige wezens waar ze zich enigszins mee verbonden voelt. Magische wezens.
‘Ik zal alle magische wezens beschermen,’ zegt het meisje ferm en ze zet haar kroon voorzichtig op haar hoofd. ‘En geen vuur zal mij passeren.’
Ze knikt naar de golven en ziet nog net hoe een glimmende staart onderwater verdwijnt. De wind waait door haar haren. Even haalt Rinia diep adem; misschien nu nog niet, maar op een dag zal ze teruggaan naar het woud. Ze zal het beschermen en iedereen die vervuld is met onkruid zal het nooit kunnen vinden. De kroon van het Woud zal ze met trots dragen.
It always seems impossible until it's done. Keep writing!
Gebruikersavatar
nurias
Columnist
Beheer:
Berichten: 485
Lid geworden op: do nov 17, 2016 8:16 am

Re: De kroon van het woud

vr aug 25, 2017 7:39 am

Mooi geschreven Maaike en goede verhaallijn.
Gebruikersavatar
Maaike
Beheer
Columnist
Contacteer:
Beheer:
Berichten: 716
Lid geworden op: wo nov 02, 2016 6:58 pm

Re: De kroon van het woud

vr aug 25, 2017 10:55 am

Dank je wel, Nurias!
It always seems impossible until it's done. Keep writing!
Sive Hiolair
Balpen
Beheer:
Berichten: 52
Lid geworden op: wo okt 25, 2017 12:46 pm

Re: De kroon van het woud

vr okt 27, 2017 8:56 am

Mooi, het leest als een proloog van een groter verhaal.
Al doende leert men.
Gebruikersavatar
Maaike
Beheer
Columnist
Contacteer:
Beheer:
Berichten: 716
Lid geworden op: wo nov 02, 2016 6:58 pm

Re: De kroon van het woud

vr okt 27, 2017 9:23 am

Dank je wel! Ja, je hebt wel gelijk, het zou onderdeel kunnen zijn van een veel groter geheel ^_^
It always seems impossible until it's done. Keep writing!

Terug naar “One-shots”