Een eerste onder gelijken

Het Podium voor de korte verhalen
Gebruikersavatar
JochemCommissaris
Ganzenveer
Beheer:
Berichten: 260
Lid geworden op: wo jan 04, 2017 2:08 pm

Een eerste onder gelijken

zo aug 06, 2017 1:22 pm

Mindere rassen. Ze noemen ons de mindere rassen. De Anderen. Zij zijn beschaafd, wij zijn barbaars. Zij lopen in het licht, terwijl wij blind zijn in de duisternis. Zij hebben hun blik gericht op de toekomst, terwijl wij hopeloos vast blijven klampen aan het verleden. Ja. Voor hen is de kloof enorm, zo breed zelfs dat er geen brug is die hem kan overbruggen. De wereld is simpel in hun ogen: zij zijn de manifestatie van alles dat goed en schoon is, en de rest loopt rond in de modder die ze zelf gemaakt hebben. De belevingswereld van de mensen is beperkt, dat is wel duidelijk. Ze zien enkel zwart en wit- en vanuit het licht lijkt de duisternis des te dieper. De onbekendheid van de schaduwen en de mist buiten hun bestaan jaagt hen angst aan. Het is nu eenmaal zo. Zo is het altijd al geweest, en zo zal het ook altijd blijven. Er zitten nu eenmaal grenzen aan het blikveld van de mensheid.
 Maar wie moeten er lijden voor die akelig duidelijk aanwezige tekortkomingen? Dat zijn wij, de mindere rassen. De schepselen die anders zijn, die buiten hun definitie van beschaving vallen. Wij staan oog in oog met de consequenties van menselijke dwaasheid. Altijd dragen wij de last die op andere schouders had moeten liggen, altijd moeten wij boeten voor daden die we niet begaan hebben. Iedere dag van iedere maan, elk jaar van elk tijdperk. Het is een constante kwelling. We worden onder de duim gehouden. Onze werkelijke potentie wordt onderdrukt, en het enige overblijfsel van onze voormalige glorie is een vage schaduw, nauwelijks herkenbaar. Arrogantie en onwetendheid, de blindheid van de mensen, heeft van ons tweederangs creaturen gemaakt. We zijn niet meer welkom in een wereld die we zelf bouwden. De aarde waar wij ons thuis van maakten, is ons afgenomen door de mensen. We doen er niet meer toe. Er zijn steeds minder van ons. Uitsterving is een van onze grootste problemen. En hoe verder we teruggedreven worden richting de diepe duisternis van de vergetelheid, hoe meer terrein de nieuwe wereldorde wint. Ik vrees dat deze aarde spoedig verenigd zal zijn onder één banier, dat er nog slechts één vlag zal wapperen boven al haar landen. En het zal niet de banier zijn van de draegir of de ñazhan, van de roscrea of de zoya, van de teki of de undorai.
 Het is niet altijd zo geweest, weet je. Eens regeerden wij over de wereld. Wij, de volkeren wiens beschavingen al in bloei stonden toen de mensheid nog in bomen leefde in de Muren van de Wereld. We waren niet verenigd, zoals de Westlanden nu zijn. Nee, integendeel. We waren verdeeld. Ieder ras had zijn eigen grondgebied, grotendeels afgezonderd van de rest- en daar bleef het ook bij. Wij hebben niet de veroveringsdrang, die grenzeloze ambitie die zo kenmerkend is voor onze nieuwe meesters. Wij wisten waar onze grenzen lagen, en we overschreden ze niet. O, als je dat toch eens gezien had. Het Legendarium was een prachtige tijd. De teki bouwden tempels in de jungle, de ñazhan hadden hun koninkrijken onder de golven, de draken regeerden over de hemelen, de zoya wandelden onbezorgd rond in de zilveren wouden, de lumos brachten het licht waar de phyrax schaduwen creëerden, en de Níndar leefden in de valleien en langs de rivieren. Ja. Een prachtige tijd. Een simpele tijd, als je het goed bekijkt. Wij waren verenigd in onze diversiteit. Dat was het mooie eraan. Het feit dat we van elkaar verschilden, liet onze beschaving des te meer bloeien, zoals rozen en madeliefjes in een veld naast elkaar staan en elkaar versterken. Het contrast vergrootte onze glinsteringen. Er was een perfecte balans op de wereld, een heilige harmonie. Niet langer. Niet langer. We werden verbannen uit het paradijs, en ondertussen werd dat paradijs achter onze rug om vernietigd. Onze droom viel in duizend scherven uiteen toen de mensen kwamen van voorbij de grote oceanen. Dit volk, aangekomen in een wereld die voor hen nog vreemd en onbekend was, kende geen bescheidenheid. Het is keer op keer gebleken, steeds opnieuw. Ze kwamen met toortsen, en met die toortsen verbrandden ze onze trotse steden en glimmende torens. Ze kwamen met zwaarden, en met die zwaarden doodden ze onze krijgers. Ze kwamen met dolken, en met die dolken hielden ze onze vrouwen in bedwang terwijl ze zich in hen stortten.
 Denk niet dat wij niet terugvochten, want dat deden we wel. We zagen het naderende onheil, de aanwakkerende winden en de donkere wolken die de hemel verduisterden, en we verzetten ons met al onze kracht. We namen het zwaard in onze handen, we riepen de oude magieën op, en gebruikten duizenden jaren van kennis en herinnering om onszelf te behoeden van de komende verandering. In een laatste wanhopige poging dat wat er was te beschermen, liepen onze steden leeg en daalden de oude rassen van de bergflanken af om naar het slagveld te gaan. De mensheid, een gedeelde vijand, verenigde ons in deze inspanning; het enorme gevaar maakte bondgenoten van rivalen. Maar het was niet genoeg. Niet genoeg. De jaren gingen voorbij, en wij werden langzaam maar zeker teruggedreven naar de wilde plekken van de wereld. Hoe dapper wij ook vochtten, hoe veel van onze strijders er ook in de modder terecht kwamen en daar stierven, ver verwijderd van de plek die ze eens thuis noemden, het mocht niet baten. Stukje bij beetje ging onze beschaving in vlammen op. Alles wat er was, alles wat we eens hadden, werd ons ontnomen. Nu wappert er nog slechts één vlag boven de wereld: de vlag van de mensheid.
 Velen hebben nu de strijd opgegeven. Ze zeggen dat we moeten accepteren dat onze tijd voorbij is, dat er een nieuwe macht is gearriveerd. Het is de cyclus van het leven, beweren ze dan. De wet van het universum. De wind van verandering geeft grote draaien aan de Cirkelen van Tijd, en de oude dingen moeten plaatsmaken voor de nieuwe. Dat wat er eens was, moet afsterven om de toekomst leven te geven. Dwazen. Het zijn dwazen, allemaal! Als het aan hen ligt, zullen we onze laatste dagen slijten met neergebogen hoofd, enkel sprekend wanneer er iets aan ons gevraagd wordt. Ze leven tussen de mensen, hebben een leven opgebouwd in de wereld van illusies. Ik vervloek ze. Stuk voor stuk vervloek ik ze. Ze weten niet wat ze doen. Ze worden behandeld als ongedierte, als wezens die de glorie van de mensheid enkel besmetten met hun vuil. De mindere rassen, de volkeren die eens heer en meester waren over land en oceaan, werken als slaven om geaccepteerd te worden in de nieuwe wereldorde. Ondertussen zijn ze zich er niet van bewust dat de denkwijze van de mensen onveranderlijk is, dat ze ons altijd zullen blijven beschouwen als afzichtelijke creaturen. Dat is nu eenmaal zo. En het laffe gedrag van een volk dat de herinneringen van haar voormalige trots en grootsheid kwijt is geraakt in een poging mee te gaan in de stromingen van verandering zodra er een koude wind komt opzetten, dat is misschien nog wel erger dan de onderdrukking die de mensheid op ons uitoefent. Zien ze het dan niet? Ze zien het niet. Wij zijn vergeten. We zitten op de achterste rij, vastgebonden aan een stenen wand. We lopen rond in woestenijen omdat onzichtbare muren ons buiten het paradijs houden. Er moet iets gedaan worden. En vlug.
 Vrijheid. Dat is onze belofte. Het is onze hoogste doel, de waarde waar we allemaal voor zouden moeten vechten. De toekomstvisie van Gwenlléar is er een die vrij is van onderdrukking. Het is de droom van een land waar ieder volk, wat haar uiterlijk en cultuur dan ook mag zijn, in vrede naast elkaar leeft en niet beperkt wordt door ijzeren ketenen om haar polsen. Het is een wereld die in ons hart rust, wachtend om het licht te zien. Ik weet dat iedereen droomt van vrijheid. We denken terug aan de tijd vóór de komst van de mensen, en vechten om die tijd terug te laten keren. Zeg me niet dat die jaren voor altijd verloren zijn, want dat is simpelweg niet zo. We moeten strijden voor het voortbestaan van de herinnering, want zonder de herinnering zal alles dat er was verloren gaan. Als we samenwerken, kunnen we de droom een realiteit maken. Dat beloof ik jullie, mijn broeders en zusters. Onze diversiteit verenigt ons, onze haat jegens de nieuwe meesters en hun grenzeloze ambitie richt onze ogen op hetzelfde doel en zet onze voeten op hetzelfde pad. Maar er is veel voor nodig. Dat kan ik je wel zeggen. We zullen er allemaal voor moeten bloeden. Ieder van ons, stuk voor stuk, zal offers moeten maken. De prijs van herinnering is nu eenmaal torenhoog. Een wereldwijde opstand tegen de dwaze Mensen en de arrogante Elven is de enige manier om te bereiken wat we willen bereiken. En ja, het zal niet gemakkelijk zijn. Ieder van jullie zal het slagveld verlaten met bloed aan zijn handen. Maar laat het het bloed van de mensen zijn dat de rivieren en de zeeën van de wereld rood kleurt. Iedereen die ons niet helpt in de strijd tegen de onderdrukking, is medeplichtig en moet dus gezien worden als een vijand. Als er iemand is die de revolutie in de weg staat, zelfs al is het je vrouw of je vader of je zoon, moet zonder pardon uit de weg geruimd worden; want ons pad moet zonder obstakels zijn als we haar willen zien. Onthoud dat.
 Sommigen van jullie zullen mij wellicht beschuldigen van vreselijke daden. Ik word vaak een oorlogsmisdadiger genoemd. En ja, het klopt. Ik heb personen vermoord die in jullie ogen misschien onschuldig kunnen lijken. Ik heb dingen gedaan die ik liever niet aan de engelen zou willen vertellen als ik aankom bij de poorten van de hemel. Rivieren van bloed hebben gestroomd in mijn naam. Maar dat is nu eenmaal de consequentie van onze strijd, mijn kameraden. Mijn naam is de naam van Gwenlléar, en de naam van Gwenlléar is de naam van vrijheid en revolutie. Zonder opoffering zullen we ons doel nooit bereiken. Want zoals ik eerder al zei: de prijs van herinnering is torenhoog. Ik ben in ieder geval bereid die prijs te betalen.       
Laatst gewijzigd door JochemCommissaris op do okt 12, 2017 10:36 am, 1 keer totaal gewijzigd.
Rivieren veranderen van richting door de generaties heen; uiteindelijk storten alle bruggen in.
Gebruikersavatar
Maaike
Beheer
Columnist
Contacteer:
Beheer:
Berichten: 716
Lid geworden op: wo nov 02, 2016 6:58 pm

Re: Een eerste onder gelijken

za aug 12, 2017 1:21 pm

Mooi geschreven :)
It always seems impossible until it's done. Keep writing!
Gebruikersavatar
JochemCommissaris
Ganzenveer
Beheer:
Berichten: 260
Lid geworden op: wo jan 04, 2017 2:08 pm

Re: Een eerste onder gelijken

di okt 10, 2017 10:43 am

Bedankt @Maaike! (Beetje een late reactie, maar ja... :roll:)
Heb je toevallig ook nog inhoudelijke of specifiekere opmerkingen? Dan weet ik weer of ik een beetje goed zit met dit verhaal :lol:
Rivieren veranderen van richting door de generaties heen; uiteindelijk storten alle bruggen in.
Gebruikersavatar
Maaike
Beheer
Columnist
Contacteer:
Beheer:
Berichten: 716
Lid geworden op: wo nov 02, 2016 6:58 pm

Re: Een eerste onder gelijken

do okt 12, 2017 6:56 pm

Komt 'ie twee maanden later mee, haha. Ik heb me nog eens over het verhaal gebogen. (:

Deze drie benamingen/zinnetjes sprongen er voor mij uit:
- cirkel van de tijd
- muren van de wereld
- de wilde plekken van de wereld
Een wereldwijde opstand tegen de dwaze Mensen en de arrogante Elven is
Ergens middenin het verhaal leg je uit dat de ik-persoon samen met andere rassen verjaagd is door een soort dat nieuw is in het paradijs. En hier bestaat dat ras opeens uit twee groepen, mensen en elven. Dat kwam een beetje uit de lucht vallen. Want hebben zij zich dan later afgesplist en zo niet, wie was er nieuw dan? Vechten zij ook tegen elkaar of alleen tegen de eeuwenoude rassen die zij niet accepteren?

Ik hoop dat je hier iets aan hebt :)
It always seems impossible until it's done. Keep writing!
Gebruikersavatar
JochemCommissaris
Ganzenveer
Beheer:
Berichten: 260
Lid geworden op: wo jan 04, 2017 2:08 pm

Re: Een eerste onder gelijken

do okt 12, 2017 7:52 pm

Bedankt voor de reactie @Maaike! Inderdaad haha, ik zat nog eens naar mijn verhalen te kijken en ik vroeg me gewoon af of je wat meer feedback had :lol:
Over de mensen en de Elven: het is voor de hoofdpersoon ook niet helemaal duidelijk. In principe leefden de "mindere rassen" waar hij het over heeft (zelf is hij een Halfelf, die onder de mindere rassen worden gerekend) lang geleden inderdaad in een soort paradijs. HP overdrijft dit natuurlijk wel wat. De wereld was toen nog wild, en alle rassen leefden afzonderlijk van elkaar. Toen kwamen de Mensen uit de Muren van de Wereld (een continent). Ze verspreidden zich razendsnel over de wereld waar de mindere rassen leefden, en drongen die rassen grotendeels terug. Zo werd het "paradijs" dus vernietigd, in de ogen van de HP tenminste. Dat is waarom hij zo'n hekel heeft aan de Mensen, omdat ze de oorspronkelijke rassen voor een groot deel uitroeiden en de overlevenden vervolgens onderdrukken.
De Elven hebben een geschiedenis die los staat van die van de Mensen. De Elven zijn veel ouder dan de Mensen en leven op verschillende plekken op de wereld, maar hebben nooit de gewelddadige kolonisatiegolven gekend die de Mensen wel uitvoerden. De haat van de HP jegens de Elven is niet helemaal gerechtvaardigd, aangezien de Elven ook het slachtoffer zijn van het destructieve gedrag van de Mensen. De Mensen beschouwen de Elven ook als een minder ras, maar ook de HP haat hen omdat ze arrogant en "nep" op hem overkomen. Het hele punt van dit verhaal is de onderdrukking die uitgeoefend wordt op de mindere rassen (alle rassen behalve de Mensen en de Elven, die zijn de dominante rassen), en de HP is van mening dat de Elven de mindere rassen ook slecht behandelen. De HP is wel erg radicaal en denkt in een zeer beperkt hokje.
Hopelijk maakt dat het een beetje duidelijk ;)
Rivieren veranderen van richting door de generaties heen; uiteindelijk storten alle bruggen in.
Sive Hiolair
Balpen
Beheer:
Berichten: 52
Lid geworden op: wo okt 25, 2017 12:46 pm

Re: Een eerste onder gelijken

vr okt 27, 2017 8:38 am

Goed geschreven en je uitleg hierboven verduidelijkt een paar van de vragen die ik had bij het lezen van de tekst. (Zoals wat is de persoon die dit allemaal zegt?) Heel mooi, dat je voor ieder type wezen speciale namen hebt en dan via kleine beschrijvingen hints geeft over wat deze wezens zijn.
Zijn de Gwenlléar dan half-elfen? Of de mindere rassen als geheel?
Al doende leert men.
Gebruikersavatar
JochemCommissaris
Ganzenveer
Beheer:
Berichten: 260
Lid geworden op: wo jan 04, 2017 2:08 pm

Re: Een eerste onder gelijken

vr okt 27, 2017 10:10 am

Ja, degene die dit verhaal vertelt is de leider van Gwenlléar. Een echte idealist dus. Voor aanvullende informatie over hem verwijs ik door naar mijn wiki: http://nl.avonturen-van-cay.wikia.com/w ... al_Kansier
En inderdaad, Gwenlléar bestaat uit leden van bijna alle "mindere rassen".
Rivieren veranderen van richting door de generaties heen; uiteindelijk storten alle bruggen in.

Terug naar “One-shots”